Artikel

'Inclusief speelbeleid is nu nog te vaak een toevalstreffer'

‘Wat gaat u doen om de samenspeelkansen van alle kinderen te vergroten?’ Deze vraag staat centraal in het SamenSpeelAkkoord. Het akkoord is geen overbodige luxe, omdat inclusief gemeentelijk speelbeleid nu te vaak berust op toevalstreffers, zo stelt minister van Gehandicaptenzaken Rick Brink vast.

De veertien initiatiefnemers van het SamenSpeelAkkoord hebben in december allemaal een belofte moeten ondertekenen. Daarin staat hoe zij tot 2021 concreet bijdragen aan het realiseren van drie ambities: een inclusieve speelcultuur, meer samenspeelplekken en meer en beter toegankelijke kennis over samen spelen. “Spelen is voor kinderen de essentie van het leven. Via hun spel leren kinderen zichzelf en de wereld kennen. Spelend verwerken ze ervaringen, leren ze omgaan met anderen, verleggen ze hun grenzen en ontwikkelen ze hun talenten. Dagelijks vrij kunnen spelen is een basisvoorwaarde om gezond op te groeien”, zo staat geschreven in het akkoord.

Belangrijk thema

Voor Rick Brink was samen spelen één van de belangrijkste pijlers tijdens zijn verkiezing tot minister van Gehandicaptenzaken, een initiatief van KRO-NCRV. “Toen ik mij kandidaat stelde hoorde ik veel concurrenten praten over werk als belangrijk speerpunt. Dat is natuurlijk ook van wezenlijk belang voor mensen met een beperking. Maar ik zie spelen als basis voor het ontwikkelen van vaardigheden. Daarom heb ik er zo’n belangrijk thema van gemaakt tijdens mijn verkiezing.” Brink trok samen op met de Stichting het Gehandicapte Kind om het SamenSpeelAkkoord voor elkaar te krijgen. “Via ons netwerk hebben geprobeerd om mensen aan ons te binden. Partijen als Jantje Beton, het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) besloten al snel om aan te sluiten. Tijdens een feestelijke bijeenkomst op 3 december hebben 14 partijen uiteindelijk een handtekening gezet onder het akkoord.”


'Spelen is voor kinderen de essentie van het leven. Via hun spel leren kinderen zichzelf en de wereld kennen.'

Het SamenSpeelAkkoord loopt door tot en met december 2021. Een initiatief vanuit het akkoord is het SamenSpeelLoket. Het is een plek waar alle lokale initiatiefnemers kennis en inspiratie kunnen vinden om aan de slag te gaan met inclusief spelen. “Zo worden goede voorbeelden getoond en is er veel informatie te vinden. Daarnaast kunnen mensen er terecht voor vragen en initiatieven voor speeltuinen”, zegt Brink. Hij vindt dat er in Nederland meer moet gebeuren dan alleen speeltuinen toegankelijk maken. “Het is makkelijk om te zeggen; bouw veel inclusieve speeltuinen. Maar veel ouders geloven dat hun kinderen met een beperking niet kunnen spelen in een speeltuin. Deze beeldvorming moet ook veranderen.”

‘Schrikbarend’

Gemeenten zijn vanuit het VN-verdrag Handicap verplicht om inclusief beleid op te stellen. Grondbeginselen in het verdrag zijn toegankelijkheid, persoonlijke autonomie en volledige participatie. Brink merkt echter dat lang niet iedere gemeente daar nog mee bezig is. “Eind vorig jaar werd duidelijk dat slechts een kwart van de gemeenten een inclusieve agenda heeft. Dat is echt schrikbarend. Het Ministerie van VWS moet daar veel meer bovenop zitten. VNG doet veel als het gaat om bijvoorbeeld inclusief speelbeleid, zo heeft de organisatie een mooie handreiking geschreven over inclusief spelen. Maar er mag best nog een tandje of twee bij.”


Rick Brink samen met minister Hugo de Jonge (VWS) tijdens de ondertekening van het SamenSpeelAkkoord 

Eén op de tien speeltuinen in Nederland is toegankelijk voor mensen met een beperking. De minister heeft de nodige tips wat er allemaal beter kan. “Allereerst, ga met de achterban in gesprek. Laat mensen met een beperking en hun ouders meedenken en meepraten over inclusief speelbeleid binnen een gemeente. Vervolgens kun je bestaande speelplekken onder de loep nemen. Kan iedereen er komen? Als je speeltuinen inclusief wil maken, haal dan in ieder geval die stomme hekjes eens weg. Daarnaast moet de ondergrond goed zichtbaar zijn voor kinderen met een visuele beperking. En je moet er eenvoudig overheen kunnen rijden, dus gebruik geen houtsnippers zoals je geregeld in speeltuinen ziet.” Een inclusieve speeltuin hoeft helemaal niet duur te zijn, zo stelt Brink. “Je hoeft niet perse meteen dure toestellen aan te schaffen. Wij krijgen in Hardenberg, waar ik woon, een inclusieve speeltuin met een waterpomp en dergelijke.”

Toevalstreffer

De bewustwording voor inclusief speelbeleid is nog onvoldoende. Brink: “Het thema inclusief spelen is te vaak een toevalstreffer. Het is dan afhankelijk van een wethouder of raadslid die zich wat aantrekt van de materie.” Wel ziet hij dat steeds meer gemeenten het thema oppakken. En er zijn zeker ook goede voorbeelden. “Zwolle en Enschede zijn veel bezig met inclusief beleid. Zij hebben ook als eerste gemeenten het SamenSpeelAkkoord ondertekend. Beide plaatsen hebben een stevige klankbordgroep voor mensen met een beperking. Vakkundige mensen die zich ook mengen in het politieke debat. Alleen actievoeren heeft geen zin, je moet je mengen in het politieke stelsel.” Brink is duidelijk wat hij uiteindelijk wil bereiken met het SamenSpeelAkkoord. “De meest ideale situatie is dat iedereen mee kan doen, zonder dat het opvalt”, zo besluit de minister.

Kijk voor meer informatie over het SamenSpeelAkkoord op www.samenspeeelakkoord.nlDit artikel verschijnt in Straatbeeld nummer 3, thema spelen. 

Verbindinsdag Samen Spelen en Bewegen

Het SamenSpeelAkkoord is één van thema's tijdens de Verbindingsdag Samen Spelen en Bewegen op dinsdag 30 juni. Bekijk hier meer informatie over dit gratis online evenement en meld je aan.



Dit artikel komt uit BuitenSpelen

Deel dit artikel