Artikel

Investeer nu om de kwaliteit van morgen te garanderen

“Als we een kwaliteitsslag willen maken in de openbare ruimte, zodat die toekomstbestendig is en blijft, moeten we juist nú investeren. Linksom of rechtsom,” aldus Chris de Jonge, directeur van JHK Architecten, over zijn sessie die hij tijdens het online Verbindingsfestival op 29 september hield.

De Jonge ging tijdens zijn sessie op het Verbindingsfestival binnen het thema ‘Duurzame Openbare Ruimte’ in op enkele projecten die aantonen hoe je wel (of juist niet) een duurzame openbare ruimte realiseert. “Duurzaam is wellicht een platgetreden woord”, geeft De Jonge toe, “maar het gaat hier niet om technologie zoals zonnepanelen of geothermie. Veel belangrijker is het ruimtelijk ontwerp van de buitenruimte en de verschillende opgaven die daarin meespelen. We moeten heel zuinig omgaan met die ruimte. Dat is echt iets intrinsieks.”

Zorgvuldig ontwerpen

Een duurzame openbare ruimte is volgens de Jonge een toekomstbestendige plek. Dat vergt een extra investering, beaamt De Jonge, maar dan creëer je ook wat. “Een mooi voorbeeld is een van onze projecten, de Parkeergarage Lammermarkt in Leiden”, vertelt De Jonge. “Dertig jaar lang heeft de gemeente gestudeerd hoe ze het parkeren in de binnenstad zo kunnen faciliteren, dat er meer kwaliteit op het maaiveld ontstaat.”


“Er is gekozen voor twee ondergrondse parkeervoorzieningen, met 7 lagen onder de grond op een diepte van 23 meter en een hoge inzet voor de gebruiks-, belevings- en toekomstwaarde”, vervolgt de architect. Dat vroeg om ‘extreem hoge investeringen’, maar daardoor is op het maaiveld een ‘extreem duurzame openbare ruimte gecreëerd’. “Ze hadden ook de parkeergarage bovengronds kunnen stapelen, maar er is gekozen voor kwaliteit. Er staan geen gebouwen op het maaiveld, want met Leidens Ontzet 2020 moet de kermis erop. In coronatijd is er bovendien de zaterdagmarkt naar verplaatst zodat er voldoende ruimte kan worden gehouden. Een mooi voorbeeld dus van een flexibele, toekomstbestendige openbare ruimte.”


Unielocatie Zuiderpark. Foto door Rhalda Jansen

De grens van het maaiveld

Volgens De Jonge zijn deze extra investeringen noodzakelijk voor de toekomstwaarde van de openbare ruimte. Zeker nu gezondheid en leefkwaliteit als nooit tevoren van belang zijn. “Daarom moet je ook kijken naar de verschillende gebouwen die grenzen aan het maaiveld. In die zin is de overgang van openbaar naar privé heel interessant.” Zo verwijst De Jonge naar de herenhuizen op de Amsterdamse grachten: “Daar zit een klein niveauverschil tussen maaiveld en woonkamer, wat je kunt zien als een overgang naar privé. Dat heeft een kwaliteit die we niet moeten vergeten.”


In zijn sessie ging De Jonge dieper in op vragen als: welke eisen stellen we aan gebouwen die grenzen aan het maaiveld? Hoe gaan we om met overgangszones? Wat voor functies krijgen de plinten? Zijn uitgangspunten komen terug in enkele voorbeelden, waarin hij vooral laat zien dat compacter bouwen, meer stapelen en zuiniger omgaan met het maaiveld waarde creëert voor de openbare ruimte, voor nu, maar ook voor over veertig jaar.


Maar, zegt De Jonge: “Daarvoor móet je wel nu meer investeren, vooral in ontwerpkracht en wellicht ook in middelen. Dat betekent niet dat er marmer op de vloeren moet of enorm veel bomen geplant moeten worden. Het betekent dat een kwaliteitsslag alleen gemaakt kan worden door met een andere bril naar de opgave van nu te kijken; met de bril van de toekomst.”

Verbindingsfestival geslaagd

Het tweede online Verbindingsfestival vond geheel digitaal plaats op 29 september. Het was een dag vol inspirerende verhalen over thema's als Gezonde Gebouwen, Digitale leefomgeving en Duurzame Openbare Ruimte. Binnenkort vindt u via de website een terugblik van de dag en kunt u alle sessies op uw gemak terugkijken.



Dit artikel komt uit Stedebouw & Architectuur

Deel dit artikel