Blog

De brugpieper van de rijbaan

Hoe manage je toenemende drukte, fietspadinfarcten, oplopende frustraties en levensbedreigende situaties in een overvolle stad? Je grijpt rigoureus in. Of eigenlijk, je start een jarenlange lobby, overwint verschillende juridische hobbels, weerstaat flinke tegenstand en loodst uiteindelijk een helmplicht en een verbanning van snorscooters naar de rijbaan door de gemeenteraad.

Op de invoering van deze regel is de afgelopen maanden geanticipeerd als ware het het rookverbod in de horeca. Fietsers fantaseren over fietspaden die zitten als een spijkerbroek na een crashdieet en verkneukelen zich bij de gedachte aan gladde makelaars met platgedrukt helmhaar. En eindelijk af dat voortdurende gejaag achter je van een snorfiets die wil inhalen en van wolken uitlaatgas in je gezicht bij het stoplicht. 
 
De snorfietsers daarentegen verzetten zich met hand en tand. Ze zijn ineens overgeleverd aan de grillen van automobilisten, pakketjesbezorgers en touringcars, dat is niet fijn. Maar de echte pijn zit hem in het statusverlies. Was je eerst nog de sterkste van het fietspad, ben je in een keer het lulletje rozenwater van de rijbaan geworden. Toch een beetje alsof je van groep 8 naar de brugklas overgaat. Iedereen om je heen is ineens groter, sterker en sneller dan jij. En dan heb je ook nog helmhaar.
 
De eerste dag dat ik vanaf het heerlijk ruim zittende fietspad de enigszins bedremmelde snorscooters op de rijbaan zie rijden, krijg ik de Kinderen voor Kinderen-klassieker Brugsmurfblues niet uit mijn hoofd:
Nog vorig jaar was ik een spetter / En ook de oudste van de school
De kleintjes keken naar me op, joh / Ik was voor jongens een idool
Ik droeg als eerste een behaatje / En was als eerste ongesteld
Nu zit ik op de middelbare / En word opeens niet meegeteld
Ik ben een brugsmurf brugpieper / Ik ben het ukkie van de school (het ukkiepukkie van de school)

 
De gemeente verwacht dat de doorstroming op de fietspaden wordt verbeterd en dat de verkeersveiligheid toeneemt. Juist ook voor de snorscooters zelf. Die zijn het daar niet mee eens en zeggen zich juist ontzettend onveilig te voelen met 25 km/u tussen het langssuizende autoverkeer. Nou rijdt het overgrote deel van de snorscooters veel harder dan 25 km/u en is de halve stad inmiddels al een 30 kilometerzone. Bovendien zit er op veel plekken sowieso weinig beweging in het verkeer, dus al met al zijn die verschillen niet zo groot. 
 
Zakken in de pikorde is nooit leuk, zeker niet als het je kapsel verwoest. Schrale troost voor de scooters: ook het ruim zittende fietspad vult zich in razend tempo weer op. Net als die spijkerbroek na dat crashdieet. 

 

Dit artikel verschijnt in Verkeer in Beeld nummer 2, mei 2019. 



Dit artikel komt uit Verkeer in Beeld

Deel dit artikel