Blog

Wie leest er nog een boek...

Hoe zit de infrastructuurwereld eigenlijk in elkaar? Wat is er nou zou specifiek aan infrastructuur vraagstukken? Hoe worden al die kruispunten, geluidsschermen en bruggen eigenlijk ontworpen? Worden ze wel ontworpen? Het lijkt vaak of er zomaar ineens een rotonde is. Wat zit daar voor denken achter en wie werken daar aan? Hoe werd daar in het verleden aan gewerkt en hoe wordt er in de toekomst aan gewerkt? Daar zou ik wel eens een goed boek over willen lezen.

Dat kan binnenkort! Woensdag 21 januari vindt om 13:00 uur tijdens de Infratech in Ahoy de 'lancering' plaats van het boek Infratecture, infrastructuur als ontwerpopgave.

 

Het idee

Alweer een jaar geleden vroeg Bert Hooijer, directeur RDMcampus, mij of het niet eens tijd werd een boek te schrijven. Enigszins verrast gaf ik als antwoord dat ik tien jaar geleden al eens een boek geschreven heb en dat één keer wel genoeg is. Ik heb destijds het boek In transit gemaakt, een boek waarmee ik een verband probeerde te leggen tussen mobiliteit, stadscultuur en stedelijke ontwikkeling. De vraag was echter gesteld en het heeft me aan het denken gezet. Binnen enkele dagen ontstond een idee voor een nieuw boek. Vervolgens kostte het enkele weken voordat ik de moed bij elkaar geraapt kreeg om ook daadwerkelijk een heel boek te gaan schrijven. Het hielp enorm dat uitgeverij Nai010 geïnteresseerd was. Marcel Witvoet bleek een enthousiaste en meedenkende partner en voor ik het wist, was ik aan het schrijven.


Vallen en opstaan

Infratecture. Een boek over het integraal ontwerpen van infrastructuur. Inhoud, tips&trics, inspirerende voorbeelden, internationale best-practises, reflectie en attitude komen allemaal aan bod. Geen zwaar wetenschappelijk werk, maar puttend uit mijn eigen ervaring en de lessen die ik in een praktijk van meer dan 25 jaar geleerd heb. Soms door vallen en opstaan, vaak door een onderdeel te zijn van ontwerpteams bestaande uit deskundige mensen die gericht waren op samenwerking.


Vaak echter ook door een praktijk vol met stroperige processen, mensen die elkaar niet verstaan, ondoorgrondelijke besluiten, rare en onverwachte interventies. Daar heb ik veel van geleerd. Zo heb ik geleerd dat er, jawel, meerdere wegen naar Rome zijn. Het boek verkondigt daarom zeker geen waarheid maar roept op tot debat. Met elkaar in gesprek over de wijze waarop we aan de infrastructuur van onze samenleving sleutelen. Geen theoretisch boek maar een pratijkboek met 30 voorbeelden van gerealiseerde projecten die in beeld gebracht worden. 
Het is echter meer dan een projectenboek. Zo komen vragen als 'wat is nou eigenlijk ontwerpen en hoe doe je dat' aan bod maar is er ook een heel hoofdstuk gewijd aan de geschiedenis van infrastructuur. Startend bij de paadjes van lang gelee via de Romeinen naar de explosie van infrastructuurnetwerken als gevolg van de industriële revolutie.


Wat we van professionals verwachten

De motivatie voor het schrijven van dit boek ligt in de betekenis van infrastructuur. In mijn ogen wordt infrastructuur nog te vaak gezien als een autonoom fenomeen wat als losstaand object bedacht en gerealiseerd wordt. Vaak los van context of omgeving. Infrastructuur kan echter niet los gezien worden van de manier waarop we met zijn allen samenleven en de ruimte die we daarvoor beschikbaar hebben. Infrastructuur vraagt om een integrale visie en aanpak. Ontwerpen moeten op zijn minst binnen een context passen. Maar in veel gevallen vergt goede infrastructuur het mede verbeteren van die context. We realiseren nog veel te weinig 1+1=3 resultaten met onze infrastructuurprojecten. Daar gaat dit boek over. Daar behoort in mijn ogen een infrastructuuropgave over te gaan. Dat is wat mensen van ons professionals verwachten.



Dit artikel komt uit Stedebouw & Architectuur

Deel dit artikel