Nieuws

Eikenprocessierups op hoogtepunt

Overlast eikenprocessierups nu op hoogtepunt Het jaar 2011 overtreft 2007 waar het gaat om verspreiding en overlast van de eikenprocessierups. Eikenprocessierupsen komen nu voor in heel Nederland.  Op een aantal plaatsen in de Noordelijke provincies is er zelfs sprake van een vertienvoudiging van de rupsenpopulaties.

Eikenprocessierups op hoogtepunt



Uitstel evenementen


Bestrijders zijn dagen achter elkaar bezig en krijgen het nog niet voor elkaar alle nesten op tijd weg te ruimen. Op sommige plekken moeten evenementen zelfs worden uitgesteld of verplaatst. Eikenprocessierupsen beperken zich niet meer tot laanbomen in openbaar groen, maar komen ook steeds meer voor in natuurgebieden in Nederland. Over een week beginnen de schoolvakanties in het midden van het land en zullen veel gezinnen buiten gaan recreëren. We raden iedereen aan alert te zijn. Momenteel zijn de eerste eikenprocessievlinders al uitgevlogen: nog nooit eerder werden er al in juni uitvlieggaten gevonden.

Nagenoeg in het hele land aanwezig


Uit meldingen van gemeenten en GGD ’en blijkt dat de eikenprocessierups nu in nagenoeg het hele land aanwezig is. Bovendien is de overlast groter en duurt hij langer dan in andere jaren. Dit komt vooral door het droge en stabiele weer van de afgelopen maanden. Ook binnen de bebouwde kom hebben veel mensen last van de brandharen van de rups. Deze brandharen verwaaien uit nesten of komen vrij bij onzorgvuldige toepassing van bestrijdings¬methoden, zoals wegzuigen of branden van de nesten. Uit onderzoek blijkt dat met name de laatste methode zowel in aantal als in afstand tot een grote verspreiding van brandharen leidt. We adviseren mensen in gebieden waar eikenprocessierups nesten zijn, hun was niet vlakbij besmette eikenbomen op te hangen en ramen en deuren dicht te houden. Brandharen worden ook door de wind verspreid en waaien gemakkelijk de woningen in.

Goede bestrijding is cruciaal


Om de overlast voor de omgeving zoveel mogelijk te voorkomen is het cruciaal om de nesten met de juiste methoden te bestrijden, zeker op plaatsen waar veel mensen komen. Hierbij kun je denken aan woonwijken, kinderdagverblijven, scholen, drukke fiets- en voetpaden en recreatieterreinen. Het niet adequaat ingrijpen betekent dat mensen langdurig klachten kunnen ondervinden. Belangrijk is dat gemeenten en beheerders hierbij het goede voorbeeld geven en daar waar mensen het zelf niet kunnen oplossen de bestrijding op een juiste wijze ondersteunen.
Bestrijders kunnen situatie niet aan

Burger moet alerter zijn


Op dit moment zijn gemeenten en particuliere instellingen op veel plaatsen echter niet meer in staat om de bestrijding van de eikenprocessierups adequaat op te pakken. Dit betekent dat de burger zelf nog alerter moet zijn en zichzelf zal moeten beschermen tegen mogelijke blootstelling aan de brandharen. Markeringen worden soms nog wel aangegeven, maar ook dat lukt niet altijd overal. Daarnaast zien we nu bij regenachtig weer dat brandharen uit bomen spoelen en zich met het opspattende water verder verspreiden.

Klachten


Contact met brandharen van de eikenprocessierups zorgen voor de typische klachten als jeuk, roodheid en irritatie van de huid in de vorm van bultjes en irritatie aan de ogen. Soms leidt inademing van de brandharen tot klachten van de luchtwegen zoals hoesten of benauwdheid. In het ergste geval kan er ook een sterke allergische reactie optreden.

Vakantieperiode


De eerste week van juli begint de zomervakantie voor scholen in het midden van het land. De komende tijd zullen veel gezinnen dus veel tijd buiten doorbrengen. We raden iedereen aan de mogelijke aanwezigheid van eikenprocessierupsen goed in de gaten te houden. Ook in recreatieparken en bij evenementen is alertheid nodig. Op het Wantijfestival, dat op 11 en 12 juni in Dordrecht plaatsvond, werden besmette bomen al afgezet met dranghekken. Voor besmette bomen geldt dat je een afstand tot de boom die gelijk is aan de hoogte van de boom het beste kan vermijden.

Overlast bij dieren


Er zijn ook meldingen binnengekomen van honden die ziek zijn geworden door contact met de brandharen. Dit jaar is de hoeveelheid nesten aan de voet van de bomen opvallend hoog, vooral op plaatsen waar zich hoog gras bevindt. We adviseren mensen hun honden niet uit te laten in de buurt van eikenprocessierupsnesten. Kies een andere route waar uw huisdier geen risico’s loopt. Honden die in contact komen met de brandharen kunnen misselijk en benauwd worden, of last krijgen van oog ontsteking, problemen met slikken en wonden op hun tongen. In bepaalde situaties kan een deel van de tong afsterven. Incidenteel vernemen we ook dat ze last van hun poten krijgen als ze op een nest trappen.
Paarden, pony’s en koeien kunnen ook last krijgen van de brandharen zeker als de percelen waarop zij lopen te dicht bij besmette eikenbomen liggen. Ook voor deze percelen geldt dat een afstand tot de boom van ten minste de lengte van de boom het beste afgezet kan worden.

Zeer vroege vlinders


Op een aantal plaatsen in Nederland zijn op 17 juni 2011 de eerste nesten met uitvlieggaten waargenomen. We verwachten echter niet dat er al massaal eikenprocessievlinders uitgevlogen zijn. We zijn bezig met een extra monitoring met feromoonvallen om na te gaan of er al veel vlinders rondvliegen. Dat zou zeer uitzonderlijk zijn. De pieken van de vluchten zijn de laatste jaren steeds in augustus geweest. Nog nooit eerder is in Nederland al in juni een melding geweest van de vlucht van de eikenprocessievlinder.

Verpoppingsproces


Er zijn nu nog veel rupsen in het 5de en 6de larve stadium. Een groot deel begint nu aan het verpoppingsproces. Als de temperaturen stabiel rond de 20 – 25 graden blijven, dan zullen ze in de nesten blijven. Krijgen we een extreem warme periode, dan zullen rupsen die nog niet verpopt zijn naar de grond verhuizen. Aan de hand van recentelijke waarnemingen hebben wij ook kunnen vaststellen dat de rupsen in processie soms tot een meter vanaf de stamvoet de grond in kruipen om te kunnen verpoppen. Dit gebeurt voornamelijk als de bomen op zeer zonnige plekken staan of onvoldoende mogelijkheid bieden door hun beperkte diameter een nest te vormen aan de boom.

Bron: Natuurbericht

Terug naar overzicht nieuws >>>

 

Deel dit artikel