Project

Klimaatadaptatie Deventer, deel 2: de praktijk

In deel 1 van de artikelenserie Klimaatadaptatie in Deventer, las u over de omslag, de onderzoeken, de stappen en mogelijke maatregelen. Maar hoe realiseer je dit alles in de weerbarstige praktijk? Krijg je alle neuzen binnen de gemeente dezelfde kant op of verzandt het hele idee in goede bedoelingen, steeds weer nieuwe studies en of kan niet gerealiseerd worden door geldgebrek? Dit tweede artikel gaat in op wat er daadwerkelijk terecht is gekomen van alle ideeën en voornemens en gaat in op een aantal relatief goedkope en zeer effectieve oplossingen.

Auteurs: Wilbert Peters, Ronald Wentink (Tauw bv, kennispartner Acquire) en Freddy Ten Kate (gemeente Deventer)

 

MeerJaren Onderhouds Programma

De gemeente Deventer is bezig om de stad aan de te passen aan  gevolgen van de grotere extremen in het weer. Daarbij heeft de stad zowel aandacht voor de extreme hoeveelheden regen die steeds vaker vallen, als voor de gevolgen van perioden met hoge temperaturen en grote droogte. Deventer integreert deze klimaatprojecten in het MJOP (MeerJaren Onderhouds Programma). Dat is de programmering die de gemeente iedere 2 jaar voor een periode van 4 jaar opstelt. Bij het maken van het MJOP zijn verschillende vakgebieden betrokken, zoals beheerders van de openbare ruimte, waterhuishoudkundigen, groeninrichters, verkeerskundigen, stedenbouwkundig ontwerpers en bestuurders. Het MJOP is een integraal programma, opererend binnen het beschikbare budget.

 

Leefbaarheid en integrale samenwerking centraal

Deze aanpak leidt er toe dat de leefbaarheid zwaarder kan tellen dan de technische kwaliteit. Een achterstandswijk wordt zo eerder aangepakt om de leefbaarheid van die wijk te verbeteren, dan een plek die nauwelijks problemen kent. Medewerkers van verschillende disciplines zijn gedurende het hele proces van initiatieffase tot en met de uitvoering en beheer betrokken. Daarmee voorkomt Deventer informatieverlies en overdrachtsperikelen. Deze aanpak “dwingt” de hele gemeentelijke organisatie tot samenwerken  en het vinden van oplossingen waar zowel beleidsvormers, beheerders en ontwerpers achter staan.

 

Klimaatadaptieve maatregelen

Door de inbreng van waterhuishoudkundige kennis in het MJOP ontstaat de mogelijkheid om klimaatadaptatieve maatregelen efficiënt mee te nemen. Een goed voorbeeld is het toepassen van waterpasseerbare verharding ter vervanging van gesloten verharding en het vergroten van de waterberging, zoals de realisatie van diepinfiltratie met IT-riool en groenberging tussen de bomen bij de Zutphenseweg (foto 2 en foto 3)

 

Quick Win maatregelen

Tauw heeft voor de gemeente een WOLK (Water Overlast Landschaps Kaart) gemaakt. Deze kaart geeft een beeld van de waterstroming en de te verwachten overlastlocaties. (Zie foto 4) De gemeente heeft WOLK in de praktijk getoetst, waaruit bleek dat de berekende overlastlocaties goed overeenkomen met de werkelijke probleemplekken. Er bleken quick wins mogelijk: een aantal locaties kon op een eenvoudige en goedkope wijze direct worden aangepast.

 

Een voorbeeld van een Quick Win-maatregel is het plaatselijk verlagen van de verharding en groenvoorziening, waardoor het water eenvoudig naar laag gelegen plekken of het oppervlaktewater stroomt. Zo is de Brinkgeverweg verlaagd (zie foto 5) ten opzichte van de hogere parkeerplekken langs de weg, en is de trottoirband richting het groen met de vijver verlaagd (zie foto 6). Deventer markeert de plekken waar dergelijke maatregelen zijn uitgevoerd met een slijtvaste Golftegel. (zie foto 7) Bewoners zien hieraan dat de maatregelen vanwege de klimaatverandering is genomen. De gemeente heeft deze tegel ontwikkeld met buro StadLandWater en Morsinkhof beton. 

 

Waterpasserende verharding

Dankzij de, in het algemeen goed doorlatende ondergrond en de lage grondwaterstand is het in Deventer mogelijk om regenwater in de bodem te infiltreren. In samenwerking met twee studenten van de hogeschool Windesheim Zwolle heeft Deventer onderzoek laten doen naar de ervaring en toepassing van waterpasserende verharding. Een belangrijk onderdeel was het testen van de doorlatendheid van doorlatende verharding van 5 tot 10 jaar oud. Het eindrapport (“Eindrapportage afstudeeronderzoek “Infiltrerende verhardingsconstructies” d.d. 13 januari 2014” geeft aanbevelingen voor infiltrerende verhardingsconstructies die goedkoop en goed zijn. De belangrijkste zijn:

 

  • Voor een goede balans tussen infiltreren en een goed straatverband varieert het afschot tussen minimaal 0,5 en 1,0%:;
  • Bij gebruik van doorlatende stenen blijft de doorlatendheid lang hoog. Op termijn raken de toplaag van de steen en de onderkant van de voeg verstopt door fijn materiaal en verbrijzeling van voegmateriaal. Het water stroomt dan via de voeg door de steen naar de onderlaag (zie kader afbeelding 8);
  • De minimale doorlatendheid van de ondergrond is 0,1 meter/dag;
  • De gemiddeld hoogste grondwaterstand ligt minimaal 0,7 meter lager dan straatniveau;
  • Pas geen grondscheidend doek toe vanwege dichtslibben en vanwege kabels en leidingen;
  • Een bui van eens per 2 jaar (bui 8) moet verwerkt kunnen worden zonder water op straat. Dat stelt eisen aan de dikte van de funderingslaag. Deze grafiek (afbeelding 9)  geeft hiervan een beeld;
  • In de funderingslaag mogen geen deeltjes kleiner dan 63 μm worden toegepast.

 

Handreiking Infiltrerende verharding

Aansluitend hebben de twee inmiddels afgestudeerde civiele technici de “Handreiking Infiltrerende verharding” geschreven (in samenwerking met de gemeente Deventer en Tauw). Hierin zijn de resultaten van het onderzoek gebruikt voor praktische adviezen op het gebied van toepasbaarheid, ontwerp, realisatie, beheer en onderhoud. 

 

De handreiking adviseert een standaard opbouw waarmee met reguliere materialen eenvoudig (en goedkoop) een waterpasseerbare constructie kan worden gerealiseerd. Deventer past deze opbouw tegenwoordig toe, waar mogelijk. Zie figuur 10 standaard opbouw waterpasseerbare constructie.

 

De draagkracht van constructie is met programmatuur van KOAC-NPC getoetst. De conclusie is dat de draagkracht van menggranulaat 4-40 vermengd met 15% volumedelen draineerzand vergelijkbaar is met menggranulaat 0-40. Zie grafiek 11. Voorwaarde is wel dat de constructie niet langer dan 24 uur gevuld is met water (Dit blijkt uit Amerikaans onderzoek). Het genoemde mengsel is inmiddels verkrijgbaar bij leveranciers in het oosten van land. 

 

Download de handreiking hier.

 

 

Programma van eisen openbare ruimte

De aanpak heeft er niet alleen voor gezorgd dat de gemeente maatregelen heeft uitgevoerd die gunstig zijn voor het leefklimaat, maar ook organisatorische winst opgeleverd. Door intensief en praktisch met verschillende disciplines samen te werken, is het ”programma van eisen openbare ruimte” sterk verbeterd. In het proces hebben de specialisten meer begrip gekregen voor elkaars vakgebied. 


Lees ook deel 1 van deze artikelserie: Klimaatadaptatie Deventer, deel I. De omslag

 

Deel dit artikel