Prettige Plekken: 500+ richtlijnen voor ontwerp en inrichting. Heeft u het boek al in huis?

Nieuws

Waarom Nederland (nog) niet klaar is voor hittestress

Nederland krijgt steeds meer te maken met langdurige hittestress op zomerse dagen. En dus wordt het tijd dat er serieus beleid wordt gemaakt op het gebied van hittebestrijding, betoogt lector Jeroen Kluck, die voor de Hogeschool van Amsterdam en zijn werkgever Tauw hittestress in steden in kaart brengt.

De cijfers liegen er niet om. Langdurige hitte leidt tot gevaarlijke situaties. Uitdroging ligt op de loer, kwetsbare groepen worden nog kwetsbaarder. In 2003 en in 2006 overleden meer dan duizend mensen als gevolg van langdurige warmte. Daarom is in 2007 het Hitteplan in het leven geroepen, dat van kracht gaat zodra langdurige hitte zich aandient. Toch is hittestress nog altijd een gevreesde vijand. In 2015 overleden alsnog driehonderd mensen als gevolg van hoge temperaturen.

 

Nu is hitte van alle tijden, maar door de voortschrijdende klimaatverandering is het in Nederland steeds vaker heet en dat niet alleen: het is voor langere perioden heet. Daarbij kan het in versteende gebieden gemiddeld zeven graden warmer worden dan daarbuiten. Een gevoelstemperatuur van boven de 40 graden is niet vreemd. “Je ziet het aan steden als Parijs en Barcelona. Mensen trekken daar zomers massaal weg, omdat het er domweg te warm wordt”, vertelt Kluck.

Weinig verkoeling

Hij ziet dezelfde problemen in Nederland ontstaan. “We zijn niet aangepast op de steeds hogere temperaturen.” Kluck doet veelvuldig onderzoek naar de gevolgen van de klimaatveranderingen, onder andere door de hittestress in steden in kaart te brengen. Op die zogenoemde hittestresskaarten valt op dat er gemiddeld genomen weinig koele plekken zijn in steden. Dat heeft volgens Kluck vooral te maken met de geringe aanwezigheid van groen, maar ook door de Nederlandse stedenbouw. “Heel veel huizen zijn niet hittebestendig gebouwd.” Als voorbeeld noemt hij doorzonwoningen. “In Nederland willen we graag grote raampartijen, terwijl de huizen in Zuid-Europa juist kleine ramen hebben om de hitte buiten te houden.”

 

Gemeenten hebben de opgave om vanaf 2020 de steden klimaatbestending in te richten. “Daar hoort ook een afweging over hitte bij. Echter, het is niet duidelijk wat hittebestendig is”, vertelt Kluck. De lector pleit dan ook voor het ontwikkelen van een serieus hittebeleid. Hoe richt je de openbare ruimte in tegen hittestress? Volgens Kluck is die vraag niet lastig te beantwoorden. “Op zich zijn de uitkomsten heel logisch. Je moet schaduw creëren, koele plekken. Dat kan vooral met de aanpassing van de stedenbouw én veel groen.”

Geen hoge prioriteit

Hoewel de oplossingen voor de hand liggen, vreest Kluck dat daadwerkelijke uitvoering van hittebestendige maatregelen nog wel een tijdje gaat duren. “Voordat gemeenten keuzes maken, willen ze bijvoorbeeld inzicht in hoeveel groen dan voldoende is en of bijvoorbeeld een groene gevel wel voldoende koelte geeft, of dat groene daken beter zijn. Dat soort vraagstukken vergt nog extra onderzoek.” Bovendien bemerkt Kluck dat hittebestrijding in Nederland nog geen hoge prioriteit heeft. De Gezondheidsraad schreef deze week niet voor niets dat de aanleg van gezond groen de afgelopen decennia is achtergebleven bij de groei en veranderende samenstelling van steden.

 

Lees ook: Gezondheidsraad: Meer groen in en om de stad

 

“De hittestress in steden wordt evident verergerd door bezuinigingen. Jarenlang verdween er meer groen dan dat er groen bijkwam”, verklaart Kluck. Hij juicht het advies van de Gezondheidsraad dat er meer groen voor recreatie moet komen dan ook van harte toe. “Het is een misvatting dat groen hartstikke duur is. In het boek ‘De klimaatbestendige stad, inrichting in de praktijk’ schrijven we (de onderzoeksgroep op de HvA, geleid door Kluck, red.) dat de kosten van groen in steden lager liggen dan de baten.” De onderzoekers doen onderzoek naar de ideale inrichting van de openbare ruimte tegen hitte. “Metingen in de afgelopen twee jaar lieten zien dat vooral schaduw nodig is om de stad aangenaam te houden. De resultaten zijn ook beschreven bovengenoemd boek.”

Geen siësta, dus beleid

“Voor de aanpak van hitte gaan we uit van drie pijlers. De zorg voor mensen, aandacht aan ontwerp en de inrichting van de openbare ruimte. Bijvoorbeeld in het geval van groen: welk groen draagt bij aan meer koelte? Een grasveldje schiet niet op. En op welke afstand moeten deze koelere plekken zich gemiddeld bevinden?”

 

In januari hoopt hij een tweejarig onderzoek te starten met twaalf gemeenten. Dit onderzoek dient inzicht te geven in welke hitteopgave de gemeenten hebben (of zichzelf opleggen), welke maatregelen effectief zijn en hoe ze dat in ontwerprichtlijnen voor de openbare ruimte kunnen vertalen. Kluck hoopt dat de uitkomsten een aanzet geven tot een gerichter beleid voor hittebestrijding. “Helemaal omdat Nederland zijn sociale gedrag niet aan zal passen. We zullen geen siësta zoals in Spanje invoeren, we zullen de werkdagen niet verkorten. Liever schaffen we een extra airco aan. Dus voor verkoeling in de openbare ruimte zullen aan de slag moeten met onze stedenbouw en het creëren van extra groen.”

 

Lees ook: Zo houd je de straat leefbaar bij een wolkbreuk of hittegolf

Deel dit artikel