Circulaire economie is een vertrouwd begrip, maar de vertaling naar de praktijk blijft weerbarstig. De BUCH-gemeenten pakken dat aan met een eigen aanpak: BUCH Bewust. Beleidsadviseur Jorrit Ruiter deelt de lessen.
BUCH Bewust maakt circulariteit concreet
Jorrit Ruiter
De vier BUCH-gemeenten (Bergen, Uitgeest, Castricum en Heiloo) ontwikkelden BUCH Bewust: een circulaire vragenlijst, geïnspireerd op de Leidse Ladder. Die brengt het gesprek over circulariteit in bouw- en infraprojecten structureel op gang. Jorrit Ruiter vertelt welke lessen dat oplevert voor beheerders en ontwerpers die dezelfde stap willen zetten.
De vier gemeenten hebben ieder een eigen raad, college en burgemeester, maar delen één ambtelijke werkorganisatie. Vanuit die organisatie werkt Jorrit Ruiter als beleidsadviseur circulaire economie, onderdeel van het bredere programma Klimaat. In het beleid voor 2023 tot en met 2026 werd een heldere doelstelling opgenomen: bij elk infrastructureel en bouwproject moet circulaire economie voortaan onderdeel zijn van de aanpak. Geen vrijblijvende intentie, maar een uitgangspunt dat in de praktijk zijn beslag moet krijgen.
Die doelstelling riep meteen een lastige vervolgvraag op. Want hoe zorg je dat circulariteit niet blijft steken in beleidsnota's, maar daadwerkelijk landt bij de mensen die het werk doen? "Als een projectleider of een beheerder of een toezichthouder naar het beleid kijkt, dan denkt hij: ‘Het staat daar, maar hoe dan? Welke vragen moet ik mezelf nu precies stellen?’", schetst Ruiter het knelpunt.
‘We wilden toe naar een systeem waardoor iedereen circulair gaat denken en doen. Niet als extraatje, maar als basisvoorwaarde’
Een gezamenlijke taal
De eerste stap was het opstellen van een handreiking circulaire infrastructuur, gebaseerd op Het Nieuwe Normaal. "Met dit framework proberen we een soort eenduidige taal en werkwijze te creëren", legt Ruiter uit. "Zodat we allemaal in dezelfde thema's werken en dezelfde meetmethodes hebben. Naast de handreiking hebben we circulaire economie ook opgenomen in het HIOR (handboek inrichting openbare ruimte), in omgevingsvisies, diverse beleidsdocumenten en in diverse losse projecten.”
De theorie was daarmee op orde, maar bleek in de dagelijkse praktijk nog te abstract. “Gelukkig is er al een aantal enthousiaste collega’s die het dan zelf ook in projecten toepassen, maar we wilden toe naar een systeem waardoor iedereen circulair gaat denken en doen. Niet als extraatje, maar als basisvoorwaarde.” Op zoek naar een instrument dat het gesprek op gang zou brengen, kwam het team uit bij de Leidse Ladder. Wat vooral aansprak, was de gerichtheid op de uitvoering. "Het is een mooi middel om het gesprek aan te gaan, daar biedt het heel veel handvatten voor." De ladder maakt bovendien onderscheid tussen circulaire strategieën en beloont de meest waardevolle het zwaarst. Hergebruik van bestaande materialen weegt daardoor duidelijk mee.
Praktisch alles overgenomen
De BUCH-gemeenten namen de Leidse systematiek grotendeels over. Ruiter: “Het instrument komt neer op een vragenlijst van dertig à veertig vragen die per project wordt ingevuld en punten oplevert. Toch was aanpassing nodig: een aantal vragen was specifiek toegesneden op de gemeente Leiden, bijvoorbeeld over convenanten die de BUCH-gemeenten niet hadden ondertekend. Daarnaast werden de vragen en hun volgorde afgestemd op de thematiek van Het Nieuwe Normaal, waarmee de organisatie al vertrouwd was.”
Zo ontstond BUCH Bewust, dat naar schatting voor negentig procent overeenkomt met het Leidse voorbeeld. De aanpassingen zitten vooral in de nuance en de terminologie, zodat medewerkers de vragen direct herkennen. Voor gemeenten die zelf zo'n instrument willen bouwen, is dat een bruikbaar inzicht: het wiel hoeft niet opnieuw uitgevonden te worden, maar een lokale vertaalslag maakt het verschil tussen een abstract model en een werkbaar instrument. Voor de ontwikkeling en implementatie van BUCH Bewust werd de hulp ingeroepen van C-Creators.
Wat de startsituatie bepaalt
BUCH Bewust is inmiddels de standaardwerkwijze; bij elk infrastructureel project wordt de vragenlijst beantwoord. Wel zit de aanpak nog in de implementatiefase, wat onder meer inhoudt dat er een zachte ondergrens geldt: haalt een project het minimumaantal punten niet, dan mag het toch doorgaan. Vanaf volgend jaar wil de organisatie die ondergrens bestuurlijk laten vaststellen, als ambitieniveau.
De praktijk laat zien hoe sterk de uitgangssituatie de uitkomst bepaalt. "De startsituatie van een project bepaalt best wel snel hoeveel punten je kunt realiseren", vertelt Ruiter. Voor hergebruik van materialen zijn veel punten te verdienen, maar dat lukt alleen als er iets te hergebruiken valt. Een parkeerplaats aanleggen op een grasveld scoort daardoor lastig, omdat het gras niet toe te passen is in de nieuwe situatie. Een woonstraat waar toevallig al klinkers liggen biedt juist kansen. "Die kunnen we makkelijker hergebruiken”, verklaart Ruiter.
‘Het wiel hoeft niet opnieuw uitgevonden te worden, maar een lokale vertaalslag maakt het verschil tussen een abstract model en een werkbaar instrument’
Misschien nog wel belangrijker dan de score zelf is wat de systematiek losmaakt. Ze legt vraagstukken bloot die anders onder de radar bleven: welke kwaliteit en levensduur moet hergebruikt bestratingsmateriaal hebben, en is een tijdelijke opslaghub wenselijk? Dat soort keuzes komt dit najaar aan bod in een themasessie. Ook dilemma's rond nieuwe materialen worden zichtbaar, zoals de afweging tussen biobased betonplaten met olifantsgras en regulier beton dat later beter te scheiden is. "Iedere keer wordt er weer een gesprek geopend om stapjes verder te gaan, dat is denk ik het hele mooie aan het systeem."
.jpg)
De impact zichtbaar maken
Om te onderbouwen waar de grootste milieuwinst valt te behalen, liet de organisatie een areaalmodel opstellen. Een extern bureau berekende de milieu-impact van de vervangingsopgave in de openbare ruimte. Daaruit rolde een top tien, aangevoerd door asfalt. Zulke cijfers helpen het gesprek te ontdoen van vrijblijvendheid. Het maakt bovendien tastbaar dat individuele keuzes ertoe doen, in plaats van een druppel op een gloeiende plaat.
Daar ligt volgens Ruiter ook de volgende opgave. Wie de vragenlijst goed invult, maakt waarschijnlijk verstandige keuzes, maar krijgt nog geen concreet inzicht in de daadwerkelijke milieu-impact. Het koppelen van de MKI-waarde aan de methodiek is de stap die het team nu wil zetten, mede met het oog op de MKI-verplichting die vanaf 2027 gaat gelden voor materialen en voor projecten boven de Europese aanbestedingsgrens.
Rustig aan beginnen
Voor gemeenten die ook werk willen maken van hun circulaire ambities, heeft Ruiter twee lessen. Een toegewijde coördinator is onmisbaar: iemand die de werkwijze blijvend aanjaagt, bij voorkeur met een technische achtergrond en voeling met de projecten. En begin rustig aan. "De transitie kost gewoon echt tijd. Je hoeft niet in één keer alles goed te doen, want dat kan gewoon niet." Draagvlak vraagt om een gefaseerde aanpak waarin medewerkers meebeslissen over de uiteindelijke vorm.
Ruiter benadrukt dat de BUCH-gemeenten nog volop in ontwikkeling zijn. BUCH Bewust is geadopteerd als werkwijze, maar zelfsturend is het nog niet. Het blijft een leerproces dat tijd mag kosten, zo lang je maar stappen in de goede richting maakt.
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Slimmer bestraten met mechanische verwerking van straatbakstenen
13 okt om 10:00 uurMechanisch bestraten wordt steeds vaker de standaard in de openbare ruimte. Deze verwerkingsmethode is…
Van ontwerp tot plaatsing: maatwerkpergola voor het Theo van Goghpark
12 okt om 08:55 uurIn het Theo van Goghpark op IJburg is een nieuwe inclusieve speelplaats gerealiseerd, waarin verschillende…
Als de stad niet breder kan, moet het groen de gevel op
9 okt om 08:06 uurDe stad wordt dichter, warmer en drukker, en de vraag naar groen groeit mee: voor verkoeling, biodiversiteit en…
Arendsplein in Oosterhout: gewaagde keuze levert plein op dat voelt als eigen tuin
8 okt om 10:00 uurMiriam Kierkels-Stoop werkt al zeventien jaar bij de gemeente Oosterhout, waar ze al tijdens haar hbo-…
Uniforme uitstraling voor BRT-haltes in provincie Utrecht
7 okt om 10:00 uurMet de start van de nieuwe OV-concessie in de regio Utrecht is het Bus Rapid Transit-netwerk (BRT) verder…
Groene verharding die meer doet dan dragen
6 okt om 11:00 uurHittestress, wateroverlast, verlies aan biodiversiteit en een steeds grijzer straatbeeld: gemeenten en…
Hoe integreer je beweegvriendelijkheid in de herontwikkeling van naoorlogse wijken?
6 okt om 10:00 uurVeel naoorlogse wijken staan de komende jaren voor een ingrijpende transformatie. Opgaven op het gebied van…
Vispassage in de Dinkel krijgt keerwanden op maat, tot op de millimeter
5 okt om 11:33 uurIn de Dinkel kunnen vissen en andere waterdieren weer vrij passeren langs twee rijksmonumenten: het…
