Artikel

Column Chantal Verspaille: Paaldans om de hub

De stad ligt op zijn gat, de gehele middenstand ligt aan de beademing om er nog wat leven in te pompen. Enige uitzondering: de Kwak, trotse eigenaar van het frietkot tegenover het gemeentehuis. Alle ambtenaren, schepenen en onze burgervader hebben nieuwsgierig door de ramen staan kijken toen hij op een maandagmiddag zijn gehele kot op verhoogde pootjes had laten takelen.

Auteur: Chantal Verspaille


Denk aan mijn frietvet!’ De Kwak’s angstkreten waren tot zelfs binnen te horen. De bestuurder van de takelaar heeft het frietkot opgetild als was het een kwetsbaar ei totdat het loket op anderhalve meter hoger van de klanten stond Er was overal aan gedacht; voor slechthorenden was zelfs een intercommeke aangelegd. En Josefien, dochter van de Kwak, had met stoepkrijt een wachtrij op de markt ingetekend. Het duurde niet lang eer ze de rij moest uitbreiden tot ver de winkelstraten in.  

Het viel mij vooral op dat Josefien ineens was toegevoegd aan onze licht-app groep. Het ene bericht na het andere was aan haar gericht. Of ze niet efkes een vergaderruimte wilde intekenen voor zes deelnemersLunch voor vier, halfschaduw, half zon van twaalf tot twee. Foto’s van de bonnekes voor nieuwe pakskes stoepkrijt, te betalen bij pa Kwak.  


Het 
duurde niet lang of hele stadhuis had de markt als vergaderruimte ontdekt. Ook ik werd uitgenodigd om deel te nemen aan een overleg, links van de eik, rechts van de vijver, binnen de cirkel van het groene stoepkrijt. ‘Buiten is de kans op besmetting ook een stuk geringer’, sprak Eddy van de buitendienst, ‘én we kunnen makkelijker afstand houden, schepen!’ Geen speld tegenin te brengen, en het weer hielp ook lekker mee. Dingske was wel het gebrek aan snelle wifi en tekort aan elektriek. Menig overleg moest worden stilgelegd omdat laptops stilvielen of het niet lukte om internetpagina’s te downloaden.  


Tot onze topambtenaar
 het Hollandse rapport ‘de dans om de paal’ erbij haalde. (Ik verzin die titel niet). We zaten op dat moment in overleg achter het frietkot, links van de lantaarn binnen de roze cirkel stoepkrijt. Het rapportuitgebracht in januari van dit jaar ging over de lichtmast als modulaire hub. Radar, 5G, camera’s, sensoren, gladheidsmetingen, laadpunt: een lichtmast is geen lichtmast meer, maar een hub, volledig aangepast naar specifieke omgevingsbehoefte.  


Onze blik ging automatisch naar de lantaarnpaal. 
‘Ik heb wel een sleutel, schepen’, sprak Eddy, ‘en ook een verlengsnoer’. Ik had er geen idee van dat je elektriciteit van een paal kan aftappen. ‘Maar zeker en vast!’ riep Josefien, ‘dat doen we, ik bedoel, dat gebeurt regelmatig, schepen!’ Verguld zaten we even later in de zon met volle opgeladen laptops. 


Nu we dan toch op z’n Hollands bezig waren; m
isschien dat een signaalversterker voor onze wifi er ook nog bij paste? En de techniek van onze social-distancing-tool? Zeker en vast, ook die paste! Nu piepen ook op de markt onze armbanden als we te kort bij elkaar komen. Met dank aan de Hollanders, weer blij met onze paal! Pardon, met de hub.  


Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 03/2020. Lees dit artikel en meer in onze digitale bibliotheek

 

 

 

Deel dit artikel