Artikel

Zeven gemeenten doen een jaar Smart City-ervaring op

Maatregelen om straten, wijken en steden veilig, gezond en leefbaar te houden, baseer je bij voorkeur op harde gegevens. Sensoren kunnen die leveren. De mogelijkheden lijken eindeloos. Maar werkt dat in de praktijk? Tegen welke vragen loop je aan? Zeven gemeenten hebben zich aangesloten bij het Nationaal Smart City Living Lab om in de praktijk ervaring op te doen én deze te delen met andere gemeenten in Nederland.

Nederland is een van de dichtstbevolkte landen ter wereld. We leven met meer dan zestien miljoen mensen op een klein gebied en gaan bovendien steeds meer in grote steden wonen. Daarnaast beschikt ons land over grote (lucht)havens, zware industrie en een sterke vervoers- en landbouwsector. Activiteiten die ons welvaart brengen maar ook leiden tot druk op de openbare ruimte, uitstoot van schadelijke gassen, filedruk en meer.

 

De uitdaging om Nederlandse dorpen en steden leefbaar, gezond en veilig te houden, neemt de komende jaren verder toe. Hoe blijven we in de toekomst de beperkte openbare ruimte zo goed mogelijk inrichten, zodat het een uitnodigende plek blijft om te wandelen, fietsen, bewegen, winkelen en elkaar te ontmoeten? Hoe voorkomen we dat een ongewenste opeenstapeling van luchtverontreiniging en geluidsoverlast leidt tot problemen in steden en wijken? Hoe gaan we als maatschappij om met andere thema’s als veiligheid, mobiliteit, afval en gezondheid?

Meten is weten

Steeds vaker wordt technologie ingezet om een bijdrage te leveren aan het signaleren en oplossen van dit soort maatschappelijke knelpunten. Sensoren in combinatie met krachtige computers stellen ons in staat om realtime effecten te meten, gegevens te verzamelen en die te combineren met andere kennis- en databronnen, om ze vervolgens te vertalen naar maatregelen voor de lange termijn (om problemen structureel op te lossen) en naar de korte termijn (om indien nodig direct in te kunnen grijpen).

Uiteenlopende problemen, variërend van geluidsoverlast op een hangplek tot luchtvervuiling in een woonwijk die dicht aan een snelweg ligt, kunnen op deze manier eerder gesignaleerd, opgelost of zelfs voorkomen worden.

Ervaring opdoen

Het werken met sensoren leidt echter tot uiteenlopende vragen op het gebied van techniek, data, organisatie, kennis, beleid, toepassingsmogelijkheden, privacy en meer. Daarbij gaat het om zowel praktische als principiële vragen, variërend van de installateur die ervaring opdoet met het plaatsen van de sensoren tot gemeenteambtenaren die de gegevens samen met alle betrokkenen leren vertalen naar concrete maatregelen. En van buurtbewoners die betrokken willen zijn en goed geïnformeerd willen worden tot principiële discussies over de grenzen van de technologie en de privacy.


De beste manier om hier ervaring mee op te doen, is door het gewoon te doen. Vandaar dat de gemeenten Breda, Helmond, Veldhoven, Dordrecht, Rijswijk, Zoetermeer en Leidschendam-Voorburg daadwerkelijk sensoren gaan plaatsen, data gaan verzamelen en analyseren, interventies gaan uittesten, buurtbewoners en andere belanghebbenden betrekken, roadmaps voor verdere ontwikkeling gaan opstellen, en meer.


Naast de concrete informatie die dit project de gemeente zal opleveren, gaat het vooral om het opdoen van ervaring met deze manier van werken. Waarbij samenwerken centraal staat. Tussen diverse gemeentelijke afdelingen die bij Smart City-vraagstukken betrokken raken en zeker ook samenwerking tussen gemeenten, bedrijven, burgers en kennisinstituten. Want steeds vaker blijken organisatorische en culturele factoren een belangrijkere te nemen horde dan de techniek.

Elk een eigen thema

De bij het Living Lab aangesloten gemeenten hebben elk een eigen thema gekozen waarmee ze een jaar aan de slag gaan. Aan bod komen de planologie van een nieuw te realiseren woonwijk in relatie tot luchtkwaliteit en geluidsoverlast; omgevingshinder en hinderbeleving door een ROC of bouwproject; slimme verlichting; illegaal langparkeren door vrachtwagens; doorstroming van verkeer op een bedrijventerrein en het bevorderen van de dynamiek en veiligheid in een winkelcentrum.


Gezocht wordt naar samenwerkingsvormen die uiteindelijk resulteren in het behalen van zowel maatschappelijk rendement (prettigere leefomgeving voor burgers en bedrijven en/of een oplossing tegen lagere maatschappelijke kosten) als economisch rendement (meer banengroei, omzet/winst voor bedrijven in de Smart City markt). Door het betrekken van de kennissector in het Living Lab wordt deze ontwikkeling kracht bij gezet.

Delen van kennis

Het Living Lab wil alle geïnteresseerden maximaal inzicht bieden in de activiteiten die ze uitvoert. Zo zijn bijvoorbeeld alle meetgegevens, zodra de sensoren geplaatst zijn, te raadplegen op: www.slimstestad.nl.


Daarnaast stemmen de deelnemende gemeenten voorkomende vragen met elkaar af, nemen deel aan workshops, wisselen ervaringen uit en zorgen er samen met de initiatiefnemers van het Nationaal Smart City Living Lab voor dat alle ervaringen ook gedeeld worden met collega-gemeenten in Nederland via social media, websites en evenementen.


Wilt u meer weten? Neem dan contact op met een van de initiatiefnemers van het Nationaal Smart City Living Lab, Hans Nouwens (hans@slimstestad.nl of bel: 06-2185 4461). Hij kan u desgewenst ook in contact brengen met de deelnemende gemeenten.

Deel dit artikel