Na een incident in de openbare ruimte klinkt al snel de roep om meer licht. Begrijpelijk, maar niet altijd terecht. Een nieuwe leidraad van OVLNL/IGOV laat zien wanneer openbare verlichting de sociale veiligheid écht verbetert, en wanneer het vooral schijnveiligheid oplevert. Natasja van der Leden en Roger van Ratingen voerden de bureaustudie uit en lichten de belangrijkste inzichten toe.
Meer licht alleen maakt de straat niet automatisch veiliger
De veronderstelling dat meer verlichting automatisch leidt tot meer veiligheid klopt niet zonder meer, zegt Natasja van der Leden. “De centrale vraag in deze leidraad is dan ook: vergroot verlichting de sociale veiligheid daadwerkelijk, of vergroot het alleen het veiligheidsgevoel zonder dat het feitelijke impact heeft?”
Objectieve en subjectieve veiligheid
Sociale veiligheid kent twee kanten, legt Van der Leden uit. “De objectieve veiligheid is meetbaar: dan hebben we het over criminaliteitscijfers, verkeersongevallen, overlastmeldingen. De subjectieve veiligheid gaat over de eigen beleving: voelt iemand zich ergens comfortabel, durft iemand ‘s avonds over straat of gaan ze ergens liever een blokje om?” Beide vormen van veiligheid worden beïnvloed door factoren als leeftijd, geslacht, eerdere ervaringen en omgevingselementen zoals verlichting en onderhoud.
Openbare verlichting verhoogt de subjectieve veiligheid en kan de objectieve veiligheid verbeteren. Het versterkt zichtbaarheid en overzicht, waardoor voetgangers en fietsers situaties beter kunnen inschatten. Maar met alleen licht kom je er niet, stelt Van der Leden. “Een goed verlichte plek kan veilig voelen, maar dat is iets anders dan veilig zíjn.”
Verlichting werkt ondersteunend en moet gecombineerd worden met bredere veiligheidsmaatregelen voor een optimaal effect, concludeert ze. “Je wilt een hoge objectieve veiligheid combineren met een hoog veiligheidsgevoel. Is het eerste laag en het tweede hoog, dan creëer je schijnveiligheid. Je hebt altijd sociale controle, zichtbaarheid en overzicht nodig.”
Maatwerk in plaats van standaardnormen
De kwaliteit van het lichtontwerp bepaalt of verlichting daadwerkelijk bijdraagt. Het gaat om de hoeveelheid licht, de verdeling ervan, de kleurtemperatuur, de kleurweergave en de gelijkmatigheid. Standaardnormen schieten daarbij vaak tekort: ze zijn gericht op verkeersveiligheid en zijn niet automatisch geschikt voor sociale veiligheid. Maatwerk per locatie is noodzakelijk, waarbij je de hele openbare ruimte betrekt. Verder kun je ervoor kiezen plekken bewust wel of niet te verlichten: dimmen of minder licht in afgelegen gebieden kan schijnveiligheid voorkomen en de leefomgeving verbeteren.
Praktische adviezen
De leidraad bevat ook praktische adviezen. Roger van Ratingen noemt ontwerpprincipes als eerste. “Neem ook nachtsituaties vooraf mee in het ontwerp”, bepleit hij. “Kijk naar de hele omgeving, de openbare ruimte moet ook ‘s nachts kloppen.” Een andere tip is om warm wit licht met hoge kleurweergave te gebruiken, voor een goede kleurherkenning.
Daarnaast moet je overbelichting zien te voorkomen. Een veelgemaakte fout is overbelichting van de rijbaan ten koste van de omgeving. Van Ratingen legt uit: “Dus meer licht dan nodig op de weg en relatief weinig op de directe omgeving. Het gevolg is verblinding en je ziet de omgeving veel donkerder. Zorg daarom voor balans: iets minder op de weg, iets meer op de omgeving. Licht komt dan ook beter tot zijn recht en het veiligheidsgevoel neemt daardoor ook toe.”
Tunnels en onderdoorgangen zijn locaties waar een gevoel van onveiligheid veel speelt. “Daar ontbreekt het gevoel van een ontsnappingsroute. Bovendien wordt verlichting er traditioneel van bovenaf aangebracht, waardoor gezichten in de schaduw blijven”, zegt Van Ratingen. Door meer te verlichten vanuit de verticale vlakken, de zijwanden, maak je mensen die je tegenkomt zichtbaar. Dat verhoogt het gevoel van veiligheid aanzienlijk.
Gebruik trekt gebruik aan
Sowieso is het aan te raden om te zorgen voor een aangenamer straatbeeld dat mensen uitnodigt om de ruimte te gebruiken. “Overweeg bijvoorbeeld het inzetten van lage lichtmasten met warmere kleurtemperatuur in verblijfsgebieden. Gebruik trékt gebruik aan en dat vergroot de sociale controle.” Ook hier geldt: kies de juiste optiek. “Veel armaturen verlichten sterk in het horizontale vlak maar nauwelijks in het verticale vlak, waardoor gezichten donker blijven. Met een andere optiek op dezelfde mast is dat op te lossen, maar let wel op verblinding.”
Verder zijn dimmen en detectie waardevolle ontwikkelingen in de openbare verlichting, geeft Van Ratingen aan. De leidraad raadt aan die mogelijkheden te blijven benutten, maar met bewustzijn en aandacht. “Niet overal. Een detectiesysteem dat reageert op een fietser en het licht daarop afstemt, kan een belager juist voordeel geven: die ziet de fietser aankomen, de fietser de belager niet.”
Geen wondermiddel
Verlichting is ondersteunend, geen wondermiddel. Sociale veiligheid hangt af van ruimtelijke, sociale én organisatorische factoren, concluderen Van der Leden en Van Ratingen. Een goed verlichte straat zonder sociale controle biedt geen garantie op veiligheid. Daarom pleit de leidraad voor een integrale aanpak: betrek stedenbouwkundigen, ecologen en beheerders bij verlichtingskeuzes, stimuleer het gebruik van routes en verblijfsplekken, en denk na over signalering en onderhoud.
Het antwoord op de centrale vraag is daarom genuanceerd: verlichting kán bijdragen aan veiligheid, maar alleen als het contextafhankelijk en zorgvuldig wordt ingezet, rekening houdend met zowel positieve als negatieve effecten op de leefomgeving. “Ik heb genoeg situaties gezien waarin de situatie voor en na een wereld van verschil uitmaakt”, moedigt Van Ratingen het gebruik van de leidraad aan.
Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 4/2026. Je leest deze editie gratis in onze digitale bibliotheek.
Meest gelezen
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Stijlvol pauzeren bij The Wall Utrecht: een buitenbank op maat
14 okt om 10:03 uurLangs de A2 staat een gebouw dat zich niet laat negeren: The Wall Utrecht. Felrood, uitgesproken en…
Slimmer bestraten met mechanische verwerking van straatbakstenen
13 okt om 10:00 uurMechanisch bestraten wordt steeds vaker de standaard in de openbare ruimte. Deze verwerkingsmethode is…
BUCH Bewust maakt circulariteit concreet
13 okt om 09:00 uurCirculaire economie is een vertrouwd begrip, maar de vertaling naar de praktijk blijft weerbarstig. De BUCH-…
Van ontwerp tot plaatsing: maatwerkpergola voor het Theo van Goghpark
12 okt om 08:55 uurIn het Theo van Goghpark op IJburg is een nieuwe inclusieve speelplaats gerealiseerd, waarin verschillende…
Als de stad niet breder kan, moet het groen de gevel op
9 okt om 08:06 uurDe stad wordt dichter, warmer en drukker, en de vraag naar groen groeit mee: voor verkoeling, biodiversiteit en…
Arendsplein in Oosterhout: gewaagde keuze levert plein op dat voelt als eigen tuin
8 okt om 10:00 uurMiriam Kierkels-Stoop werkt al zeventien jaar bij de gemeente Oosterhout, waar ze al tijdens haar hbo-…
Uniforme uitstraling voor BRT-haltes in provincie Utrecht
7 okt om 10:00 uurMet de start van de nieuwe OV-concessie in de regio Utrecht is het Bus Rapid Transit-netwerk (BRT) verder…
Hoe integreer je beweegvriendelijkheid in de herontwikkeling van naoorlogse wijken?
6 okt om 10:00 uurVeel naoorlogse wijken staan de komende jaren voor een ingrijpende transformatie. Opgaven op het gebied van…
