In de rubriek Platform Toegankelijkheid belicht Denise Janmaat, directeur van het Nederlands Instituut voor Toegankelijkheid, in iedere editie van Straatbeeld een onderwerp over toegankelijkheid. In deze aflevering bespreekt ze hoe vroegtijdig nadenken over toegankelijkheid later veel kosten en frustratie kan besparen.
Vooruitkijken loont, zeker als het gaat om toegankelijkheid
Begin bij het begin
Stel: een projectontwikkelaar ziet potentie in een locatie voor woningbouw. Op het eerste gezicht lijken de randvoorwaarden gunstig. Maar in die allereerste afwegingen – bij het schetsen van mogelijkheden en beperkingen – worden vaak al onbewust keuzes gemaakt die grote impact hebben op de uiteindelijke toegankelijkheid van het gebied.
Denk bijvoorbeeld aan de bereikbaarheid van woningen voor mensen met een fysieke beperking. Wordt daar niet vanaf het begin rekening mee gehouden, dan wordt die hele doelgroep uitgesloten. En dat betekent later óf dure aanpassingen óf structurele belemmeringen – soms zelfs beide.
Een gemiste kans
Een voorbeeld uit de praktijk: bij een nieuwbouwproject met seniorenwoningen werd besloten het gebouw een meter boven het maaiveld te plaatsen. Gezien de ligging een logische keuze, maar met de beperkte ruimte eromheen bleek het hoogteverschil achteraf nauwelijks te overbruggen. Het gevolg: geïmproviseerde oplossingen die dagelijks voor ongemak en risicovolle situaties zorgen voor bewoners en bezoekers met een rollator of rolstoel.
De bewoners kunnen niet zelfstandig de deur uit voor hun boodschappen en een bezoek aan de fysiotherapeut of het buurtcentrum. In plaats van naar de bushalte te lopen om bij de kleinkinderen langs te gaan, zijn ze nu afhankelijk van de regiotaxi of Valys. Ze bewegen minder en verliezen conditie en zelfstandigheid. Een woning die bedoeld was om vitaal oud te worden, belemmert nu juist het zelfstandig functioneren. De gevolgen zijn niet alleen persoonlijk ingrijpend, maar ook maatschappelijk kostbaar. Dit had voorkomen kunnen worden als in de beginfase beter was nagedacht over de toegankelijkheid van gebouw én omgeving.
Programma van Eisen als basis
Cruciaal in dit soort processen is het Programma van Eisen. Zeker bij projecten voor (senioren)woningen die gericht zijn op zo lang mogelijk zelfstandig blijven wonen (of voor andere doelgroepen met specifieke behoeften), moet daarin vanaf het begin helder staan wat er nodig is om het gebouw en de omgeving écht toegankelijk te maken. Kennis van materialen, ontwerpprincipes en wet- en regelgeving speelt hierin een belangrijke rol. Ontbreekt die kennis, of wordt die te laat ingeschakeld, dan gaan waardevolle kansen verloren.
De rol van gemeenten
In veel gevallen speelt de gemeente een belangrijke rol, bijvoorbeeld als grondeigenaar of beleidsbepaler. Daarmee ligt er ook een verantwoordelijkheid. Als de gemeente de voorwaarden schept, mag van haar verwacht worden dat zij toegankelijkheid vanaf het begin op de agenda zet. Dat begint bij het goed vastleggen van afspraken: wie doet wat, wanneer en met welk resultaat? Zeker bij investeringen op de lange termijn is het essentieel dat alle partijen weten waar ze aan toe zijn – en wat ze van elkaar mogen verwachten.
Toch blijft toegankelijkheid in de praktijk vaak onderbelicht. Veel professionals hebben er tijdens hun opleiding weinig of niets over geleerd. Het onderwerp komt daardoor te laat op de kaart, waardoor de momenten waarop het verschil gemaakt kan worden, worden gemist.

De praktijk
Nog een voorbeeld: op een nieuw bedrijventerrein, met hoge ambities op het gebied van duurzaamheid en innovatie, leek alles goed geregeld. Directe aansluiting op de snelweg, een treinstation naast de deur – ideale voorwaarden voor goede bereikbaarheid, ook voor mensen met een beperking. Maar nu het terrein in gebruik is, blijkt niet elk pand zelfstandig bereikbaar vanuit het station. Een noodzakelijke aanpassing van de looproute is al drie jaar onderwerp van discussie.
Voor een ondernemer die vanaf dag één aandacht had voor toegankelijkheid in het ontwerp van zijn gebouw, is dat frustrerend. Hij wil mensen met een beperking in dienst nemen en bezoekers met een rolstoel ontvangen, maar blijft afhankelijk van infrastructuur buiten zijn perceel.
Wat is er nodig?
Als we Nederland écht toegankelijk willen maken, moeten we toegankelijkheid verankeren in álle lagen van het ontwerpproces. Dat begint bij het onderwijs: opleidingen binnen bouw, ontwerp, vastgoedontwikkeling en openbare ruimte moeten structureel aandacht besteden aan dit onderwerp. Zo wordt het vanzelfsprekend om bij elke opgave ook deze bril op te zetten.
Voor wie al werkzaam is in het vak, is bij- en nascholing essentieel. Via trainingen, (incompany) cursussen en accreditatieprogramma’s is steeds meer kennis beschikbaar over de praktische toepassing van toegankelijkheidsrichtlijnen. En dat loont – voor opdrachtgevers, uitvoerders én eindgebruikers.
Voorbereiding
De sleutel tot succes ligt in een gedegen voorbereiding. Door al in het allereerste stadium – nog vóór de eerste lijnen op papier staan - toegankelijkheid op de agenda te zetten, kunnen alle betrokken partijen bijdragen aan een toekomstbestendig ontwerp.
Dat betekent: een concreet en uitgebreid Programma van Eisen, waarin toegankelijkheid een vast onderdeel vormt. En sluitende afspraken over wie waarvoor verantwoordelijk is, inclusief vastlegging in samenwerkingsovereenkomsten.
Want hoewel het soms als een open deur klinkt, laten de voorbeelden zien dat dit helaas nog lang niet vanzelfsprekend is.
Samen vooruit
Wanneer alle betrokkenen - van gemeente tot ontwikkelaar en van architect tot aannemer - zich bewust zijn van hun rol, ontstaat ruimte voor ontwerpen die echt inclusief zijn. Dat levert winst op in meerdere opzichten: voor de eindgebruiker, die zich vrij en zelfstandig kan bewegen. Voor de opdrachtgever, die voldoet aan wet- en regelgeving. En voor de samenleving als geheel, die zo gelijkwaardiger wordt ingericht.
Vooruitdenken loont. Zeker als het gaat om toegankelijkheid.
Denise Janmaat is directeur van het Nederlands Instituut voor Toegankelijkheid en laat in iedere editie van Straatbeeld haar licht schijnen op de toegankelijkheid van de openbare ruimte.
Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 4/2025. Lees deze editie gratis in onze digitale bibliotheek.
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
To infinity… and beyond!
19 jan om 10:50 uurEsther Philipsen is kenniswerker fysieke leefomgeving bij CROW en houdt zich dagelijks bezig met…
Leidraad voor sturen op waarden helpt beheerders gemeenten verder
16 jan om 14:55 uurHoe bepaal je wat écht belangrijk is op welke plek in de openbare ruimte? Is het biodiversiteit, gezondheid,…
Datagestuurde laadpalengroei in Rotterdam
16 jan om 14:29 uurRotterdam is het jaar begonnen met een nieuwe laadpalenstrategie. Gebruikers van een elektrische auto moeten…
Flamingo: omdat je fiets geen avonturen zoekt
16 jan om 13:59 uurVeilig en efficiënt fietsparkeren is essentieel op plekken waar fietsen vaak onbeheerd achterblijven. De…
Passerelle geeft Zwolle nieuwe verblijfsplek boven het spoor
13 jan om 11:45 uurZwolle investeert fors in nieuwe stadsdelen, met name in de Spoorzone ten zuiden van het station. Om…
Slimme sturing openbare verlichting opent weg naar voorspelbaar onderhoud
12 jan om 09:00 uurGemeenten staan onder toenemende druk om hun openbare verlichting betrouwbaar en betaalbaar te beheren.…
Young professional in de openbare ruimte: Pim Buijs
9 jan om 10:49 uurOok in de openbare ruimte is de zoektocht naar een nieuwe generatie gaande. Straatbeeld geeft ter inspiratie in…
Nieuw stadsdeel 't Zoet Breda: van industrieterrein naar bruisende leefomgeving
8 jan om 11:34 uur'Een plek waar historie, ambitie en toekomst samenkomen. Waar hoogstedelijkheid, wonen, werken, groen en …
