Young professional in de openbare ruimte: Mike Blauw

vrijdag 18 september 2026
Ook in de openbare ruimte is de zoektocht naar een nieuwe generatie gaande. Straatbeeld geeft ter inspiratie in iedere editie een podium aan een jonge 'openbare ruimte-maker' die zijn eerste sporen al heeft verdiend. In deze aflevering Mike Blauw, ontwerper openbare ruimte bij gemeente Leiden.

Wat voor werk doe je in de openbare ruimte en wat houdt dat in de praktijk in?

Ik begeleid projecten van begin tot eind: van de analysefase, waarin ik onderzoek hoe een ruimte functioneert, tot de uitvoering en de overdracht naar beheer. Samen met de stedenbouwkundige van de gemeente bedenk ik eerst het grote plaatje, om vervolgens met de uitvoerder op het plein te staan en het ontwerp daadwerkelijk werkelijkheid te zien worden. Precies die combinatie – van grootschalig concept tot concrete realisatie – vind ik het mooiste aan mijn vak.

Welke studie heb je gevolgd en hoe ben je in deze functie terechtgekomen?
Ik studeerde Built Environment in Amsterdam. Eerst wilde ik architect worden, omdat ik gebouwen gewoon heel gaaf vond. Al in mijn eerste jaar kwam ik erachter dat stedenbouw de maatschappij nog directer raakt: een gebouw is er vooral voor de mensen die er wonen of werken, maar de openbare ruimte wordt jaarlijks door duizenden tot miljoenen mensen gebruikt. Die impact op de leefomgeving vond ik interessant, en ik ben die richting opgegaan. Toen ik uiteindelijk was afgestudeerd, zag ik via LinkedIn een vacature voorbijkomen bij een detacheringsbureau voor een functie als ontwerper openbare ruimte. Dat sprak me aan omdat het meer voeten in de klei is dan het bedenken van hele visies. Ik ben via een traineeship/detacheringsbureau bij de gemeente Leiden begonnen, heb daar twee jaar gewerkt, en zit inmiddels alweer vier jaar in vaste dienst.

Wat is je drijfveer en passie in je werk?
Mijn passie is nauw verbonden met mijn opa, met wie ik een hele goede band heb. Hij werkte vroeger bij de provincie en is nu beeldend kunstenaar, en kijkt daardoor heel anders naar systemen en de openbare ruimte. Die andere manier van kijken heeft mij gevormd, en was mede de reden dat ik een minor fotografie heb gevolgd – waarin compositie en lijnen centraal staan. Door letterlijk door een lens te kijken, ontdekte ik dat je een ruimte anders kunt beleven, bijvoorbeeld door wat lager of hoger te gaan zitten in je perspectief. Ik probeer altijd te zoeken naar het zichtbaar maken van lagen die niet direct opvallen, en daar probeer ik altijd een soort easter egg aan toe te voegen. Dat vind ik gewoon heel leuk – als mensen dan ook anders gaan kijken, bijvoorbeeld fotografen die dat terugzien in hun foto's van een plek.

Waarom zou een jongere moeten kiezen voor een baan in de openbare ruimte?
Als je echt impact wilt maken in je eigen leefomgeving, dan moet je je werk gaan zoeken in de openbare ruimte, want daarin kan je heel veel kwijt. Dat is eigenlijk de voornaamste reden, en het is ook gewoon heel leuk, want je leert heel veel verschillende facetten van het vak kennen. Je loopt natuurlijk dagelijks over de openbare ruimte, maar hoe iets bijvoorbeeld wordt beheerd, daar denken de meeste mensen niet over na. Die zien soms een keer een strooiwagen rijden in de winter of een veegwagen in de zomer, maar verder denken ze er niet over na. Als je die systemen wil leren begrijpen, is de openbare ruimte het ideale werkveld voor jou.

Wat bevalt je aan je werk?
Eigenlijk vind ik het hele vak heel leuk, maar ik merk wel bij mezelf dat als ik heel lang in een definitief-ontwerpfase zit, ik dan weer hunker naar een nieuw project waarin ik in de schetsontwerp-fase kan gaan zitten. Dus dat ik gewoon heel erg veel kan schakelen tussen het bedenken van concepten of het helemaal uitwerken ervan – die wisselwerking daartussen vind ik heel fijn en heel leuk in mijn werk.

Waar ben je trots op?
Er zijn twee projecten waar ik heel trots op ben: Samen aan de slag in Leiden en het concept van de groene kansenkaart. Ik vind het mooi dat gemeente Leiden hierin echt ambitieus is en niet alleen praat over verduurzaming, maar er ook concreet mee aan de slag gaat. Bij Samen aan de slag gaat de stad zelf aan de slag met de openbare ruimte – iedereen in Leiden kan een boomspiegel adopteren of een geveltuin aanvragen, en soms faciliteren we vanuit de gemeente ook moestuinprojecten of voedselbossen. Dan sta ik buiten op locatie met bewoners te praten, onder een tent met een bakje koffie, met een vetkrijtje erbij omdat het meestal nog een stenige plek is die we groen gaan maken. Dat teken ik dan op straat in, werk ik vervolgens uit in Photoshop en Illustrator, en twee weken later stuur ik ze een plaatje van hoe het eruit gaat zien. Dan denkt iedereen: wow, dat gaan we doen. En binnen een half jaar is het vaak al aangelegd – daar krijg ik dan echt een kick van. De groene kansenkaart is meer vanuit de gemeente ingestoken: een compleet ontwerptraject waarbij een hectare steen eruit moet en vergroend moet worden vanwege het veranderende klimaat en de hittestress. In totaal is er in Leiden al op 30 locaties iets aangelegd, en daar heb ik denk ik een stuk of acht van gemaakt.

Wat zie je als de grootste uitdaging in je werk?
Op dit moment vind ik vooral de vele belangen die samenkomen in de openbare ruimte een uitdaging. Het veranderende klimaat vraagt om meer bomen, betere afwatering en het vasthouden van water voor droge perioden. Tegelijkertijd gebeurt er veel in de ondergrond en is de beschikbare ruimte beperkt. De uitdaging is om al die belangen zorgvuldig af te wegen, werkzaamheden slim te combineren en keuzes te maken die zowel nu als in de toekomst goed functioneren. Dat spanningsveld vind ik soms lastig, maar juist ook heel interessant.

En in de openbare ruimte?
Ik denk die belangen, maar ook inderdaad het zoeken naar ruimte – de ruimte is beperkt. Maar door vanuit een ander perspectief naar die ruimte te kijken, kan je er misschien ook weer heel veel bijzondere of vernieuwende ideeën op loslaten, waardoor het wel gaat werken. Iets wat je nu bedenkt, is misschien over vijf jaar weer achterhaald, dus je moet blijven vernieuwen om tempo te kunnen maken.

Waar ligt de sleutel voor een toekomstbestendige leefomgeving volgens jou?
Ik denk dat bewoners zorg moeten dragen voor hun omgeving, want die gebruiken ze dagelijks, in combinatie met dat het wordt ingericht volgens principes die de gemeente bedenkt – dat je bijvoorbeeld zicht hebt op drie bomen vanuit de woning, 30 procent boomkroonbedekking in de buurt en toegankelijk groen binnen 300 meter waar het koeler is in de zomer. Het moet ook wel realistisch zijn: sommige mensen moeten nu eenmaal met de auto naar hun werk omdat ze door het hele land moeten reizen, dus daar moet ook ruimte voor zijn, maar het moet niet ten koste gaan van andere opgaven die we hebben. Er moet dus wat slimmer worden gekeken naar hoe een stad, een dorp of een wat meer landelijk gebied nou functioneert, en wat wij daar in de openbare ruimte aan kunnen doen om dat te faciliteren. De sleutel is maatwerk. Iedere plek heeft een andere geschiedenis, gebruiksdruk en ruimtelijke context. In een binnenstad ligt de verhouding tussen lopen, fietsen, verblijf, groen en autoverkeer anders dan in een woonwijk of landelijk gebied. Mijn bijdrage is om die context goed te analyseren en de verschillende belangen te vertalen naar een ontwerp dat op die specifieke plek werkt.

Wat is of kan jouw bijdrage hierin zijn?
Vooral in gesprek gaan met bewoners, participeren van: wat hebben jullie nodig en wat hebben wij nodig, en hoe kunnen we daar een mooie combinatie van maken? Bij een van de groene-kansenkaartprojecten was er bijvoorbeeld een locatie in een wijk die al redelijk groen was, maar die specifieke plek was heel erg versteend. Bewoners zeiden toen: dat is toch allemaal hartstikke groen in de wijk. Ik zei dan: dat klopt, alleen deze locatie is dat niet, dus hoe mooi zou het zijn als we dat hier alsnog kunnen toevoegen? Ik merk dat veranderingen bij bewoners begrijpelijk vragen oproepen, maar door de afwegingen die wij als ontwerpers maken inzichtelijk te maken ontstaat er begrip en draagvlak. Het gaat vaak om wat het ze oplevert – dan zeg ik bijvoorbeeld dat we een extra groene locatie toevoegen waar je in de zomer kan zitten, en die er tegelijk voor zorgt dat het riool minder wordt belast. Als je dat oorzaak-gevolg verhaal goed kunt vertellen, heb je een hele mooie uitgangspositie.

Wat is jouw favoriete plek in de openbare ruimte en waarom?
Het is heel cliché, maar heel Leiden is mooi. Als ik echt een project moet noemen dat ik zelf gemaakt heb, dan zou ik De Laat de Kanterstraat noemen, in een best wel groene wijk. Dat was een heel bijzonder concept: ik heb de plek eerst geanalyseerd, echt vanuit historische kaartmaterialen, om te kijken hoe die plek functioneert en waarom die is zoals die nu is. Het stratenpatroon van die zuidelijke schil van de wijk bleek gebaseerd op de oude polderstructuur – op de plekken waar vroeger water lag, liggen nu wegen. Precies op die plek die vergroend moest worden, was de straat ineens 25 meter breed, terwijl een normale rijbaan 6 meter breed is. Toen ik de historische kaarten erop legde, bleek dat er vroeger een wetering lag: een plek waar boten in de polder elkaar konden passeren. Waarschijnlijk was de grond te zacht om te bebouwen, dus is er toen gewoon bestrating in gelegd. Ik heb toen gekeken hoe je die wetering zou kunnen waarborgen, want dat is natuurlijk een hele gave plek als je die plek leest, maar dan wel groen, zodat de gevoelstemperatuur in de zomer niet meer 50 maar 30 graden zou zijn. We hebben daar drie concepten voor gemaakt, hebben daar samen met bewoners gestaan en met hen één concept gekozen, dat ik op de straat heb uitgetekend met krijt. Ik heb ook met de wijkvereniging gepraat, want er wordt daar veel georganiseerd rond Koningsdag, dus we moesten kijken hoe we dat plein zowel groen als flexibel konden inrichten. Eerst wilden we tien bomen, uiteindelijk hebben we dat teruggebracht naar vier, zodat vrachtwagens ook normaal de draai kunnen maken zonder dat de bomen kapot gaan, maar wel met schaduw. In totaal hebben we daar zo'n 400 m² aan groen kunnen toevoegen, Koningsdag is goed verlopen en er zijn geen parkeerplekken verdwenen – eigenlijk was het alleen maar plus voor de wijk. Toen ik er laatst nog doorheen liep, kreeg ik alleen maar positieve geluiden terug, terwijl bewoners eerst heel terughoudend waren, want het lag er al vijftig jaar zo.

Wie of wat is een grote inspiratie voor je?
Voornamelijk mijn opa, denk ik. Wat ook wel weer grappig is: qua andere inspiratiebron hou ik wel van een citytrip, dus ik ga best vaak naar het buitenland om steden te bezoeken. Het zou dus niet per se een persoon zijn, maar meer het perspectief van een stad – Londen, Lissabon, Milaan, dat zijn allemaal steden waar best veel gebeurt en waar ze ook weer andere opgaven hebben, want het is een heel ander klimaat. Maar juist door die kruisbestuiving van die verschillende steden probeer ik nieuwe ideeën te bedenken voor mijn werk in Leiden.

Wat is een aansprekende innovatie in de openbare ruimte?
Ik weet niet of je het innovatie kan noemen, maar ik vind de manier waarop pergola's worden gebruikt echt een hele goede bijdrage kunnen leveren op het gebied van klimaatadaptatie, op plekken waar geen bomen kunnen staan omdat er meerdere functies zijn. Alleen wordt dat nog niet zo heel veel gebruikt in de openbare ruimte, ook omdat er weer een beheer- en kostenplaatje bij komt kijken. Een regenton is ook geen innovatie, maar hoe mooi zou het zijn als ieder huishouden in een stad als Leiden een regenton zou hebben? Dan kan je in nattere periodes veel water opvangen, en daarmee je openbare ruimte weer water geven in periodes van droogte. Dus eigenlijk heel simpel, maar het beste kan vaak juist het meeste impact maken.

Wat zou je veranderen aan de openbare ruimte als je een toverstaf had?

Als ik een toverstaf zou hebben, zou ik zorgen dat de ondergrond overal zo strak wordt ingericht – dus de kabels en leidingen geordend en zoveel mogelijk gebundeld in vaste zones, en niet verspreid door de hele straat heen. Daardoor wordt het werk voor mij als ontwerper een stukje makkelijker, omdat je dan op meer plekken flexibel bent.

Hoe zie je de toekomst in je functie en in de openbare ruimte?
In mijn functie wil ik nog meer de verbinding opzoeken tussen ontwerp, beheer, mobiliteit, ondergrond en uitvoering. Door alle disciplines vanaf het begin bij een project te betrekken, kunnen we kansen en werkzaamheden beter op elkaar afstemmen. Soms vraagt dat om een tijdelijke oplossing, maar het uiteindelijke doel is een openbare ruimte die zorgvuldig is ontworpen en decennialang goed functioneert.

In de openbare ruimte denk ik dat je daardoor sneller, maar nog steeds zorgvuldig, meer projecten kan doen, met minder kans op fouten. Je hebt soms te maken met een ondergrond of inmeting die niet helemaal klopt, of met zoveel belangen dat bijvoorbeeld de afvalinzameling ergens een ondergrondse container wil neerzetten terwijl er over drie jaar een herinrichting aankomt. Als je dat goed in de tijd kan uitzetten in de planning, kun je zeggen: dat doen we nog even niet, we wachten tot de herinrichting, of we lossen het tijdelijk op met minicontainers, ook al is het dan misschien twee jaar niet zo mooi. Maar dan functioneert het daarna wel weer heel goed voor de komende decennia. Dus nu een keuze maken die misschien iets minder gewenst is, kan uiteindelijk leiden tot een keuze die wel heel erg gewenst is.

 

Meer artikelen met dit thema

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Storix

2 sep om 12:15 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Velosolutions

2 sep om 12:09 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Streetlife

2 sep om 12:05 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Ruimtemakers

2 sep om 12:01 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Mastscan

2 sep om 11:33 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Bosch Beton

2 sep om 11:22 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Seijsener

2 sep om 11:17 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »

Vakbeurs Openbare Ruimte, Focus Op: Makita

2 sep om 11:14 uur

Op 23 en 24 september vindt in de Utrechtse Jaarbeurs de Vakbeurs Openbare Ruimte plaats. Straatbeeld licht in…

Lees verder »