Ieder jaar peilt branchevereniging OVLNL onder gemeenten en marktpartijen hoe zij tegen ontwikkelingen in de branche aankijken. Slimme verlichting/telemanagement is door marktpartijen de afgelopen vijf jaar vier keer gekozen als belangrijkste technische ontwikkeling, maar bij overheden scoort dit beduidend lager. Het deel van het OVL-areaal gekoppeld aan telemanagement groeit wel, maar veel minder snel dan destijds bij led. Zo gaf in 2019 nog 64 procent van de respondenten aan dat 0 tot 5 procent van hun areaal gekoppeld is aan telemanagement; in 2025 is dat 56 procent. Bij ons rijst de vraag: smart lighting, zijn we er klaar mee? Wij legden deze vraag voor aan een panel van experts uit het vakgebied.
Smart lighting: zijn we er klaar mee?
Elke den Ouden, initiatiefnemer LightHouse en Fellow at TU/e
‘De grote smart-city-ambities van vroeger zijn niet volledig uitgekomen, maar op een pragmatische manier gebeurt er inmiddels veel’
Veertien jaar geleden begon LightHouse met één duidelijke missie: het versnellen van de adoptie van smart lighting in de openbare ruimte. De verwachtingen waren destijds torenhoog. Led zou dé standaard worden, sensoren zouden nieuwe toepassingen ontsluiten, en slimme verlichting zou zelfs het dragende netwerk vormen voor smart cities. Mobiliteit, veiligheid, afvaldiensten, recreatie - alles zou eraan gaan hangen.
Onze eerste grote stap was de Eindhovense visie en roadmap voor stedelijke verlichting, gevolgd door een aanbesteding voor vijf proeftuinen. Samen met Philips en Heijmans richtten we een proces in waarin we met bewoners, ondernemers en bezoekers onderzochten hoe zij hun wijk beleefden: waar voelde het prettig, waar niet, en waarom? Die inzichten wilden we vertalen naar slimme toepassingen op een basisnetwerk van connected lighting. In theorie klonk dat prachtig. In praktijk bleek het… uitdagender.
Maar we gaven niet op. Binnen Europese projecten ontwikkelden we tal van use cases: van het verbeteren van veiligheid in uitgaansgebieden tot het stimuleren van toeristen om ook minder bekende, leuke plekken te ontdekken. Onze focus verschoof geleidelijk: van stad-brede smart lighting naar plekken waar standaardverlichting tekortschiet - parken, bossen, tunnels, onderdoorgangen. Toch bleef grootschalige implementatie achter. Gemeenten aarzelden, budgetten waren krap, en ondertussen worden led-systemen met telemonitoring massaal uitgerold voor vooral energiebesparing en onderhoudsgemak. Standaarden als Zhaga helpen bij de voorbereiding op de integratie van sensoren. Voor bijzondere plekken schakelen gemeenten steeds vaker direct een lichtontwerper in voor maatwerk, slim of niet. De grote smart-city-ambities van vroeger kwamen daarmee niet volledig uit, maar op een pragmatische manier gebeurt er inmiddels veel.
Sake Takken, adviseur openbare verlichting, gemeente Amersfoort 
‘Ons motto is, omarm nieuwe technieken en pas ze toe daar waar ze meerwaarde bieden die de gebruiks- en faalkosten overstijgt’
Er ‘klaar mee’ zou ik niet willen zeggen. Ik zie dat de meeste beheerders een heldere kosten/baten-afweging maken. Het toepassen van connectiviteit brengt, net als alle andere technieken die je toepast, zowel gebruiks- als faalkosten met zich mee.
Openbare verlichting is een belangrijke randvoorwaarde voor de sociale veiligheid. Het leeuwendeel van de installatie moet daarom solide en ‘foolproof’ zijn opgebouwd. Om die reden kiezen wij voor lowtech in plaats van hightech. Dat betekent dat je vooraf goed nadenkt over welk armatuur je met welke configuratie en welk dimprofiel waar plaatst.
Misschien hebben we in de beheerperiode dan niet het gemak om van achter een bureau de instellingen te kunnen veranderen. Dat hoeft ook niet, want ik heb na oplevering van een lichtplan letterlijk nog nooit de behoefte gevoeld om de instellingen te veranderen. Natuurlijk we plaatsen weleens een backlouvre. Maar dat moet met een smart armatuur ook nog steeds en het is slechts eenmalig. Het duidelijke voordeel van lowtech is dat niemand, goed- of kwaadwillend, de instellingen kan veranderen of per ongeluk een wijk in het donker kan zetten. Lowtech werkt gewoon en dat is wat ik van mijn installatie verwacht.
Een uitzondering maken we voor evenemententerreinen en andere locaties: met name in de binnenstad waar ik een wisselende lichtbehoefte verwacht dat niet in een dimprotocol te vangen is. Ons motto is, omarm nieuwe technieken en pas ze toe daar waar ze meerwaarde bieden die de gebruiks- en faalkosten overstijgt.
Alfred Groote, adviseur digitalisering en openbare verlichting, gemeente Helmond
‘We zijn er nog lang niet klaar mee. We zijn het pas echt aan het ontdekken’
Op basis van deze cijfers concluderen dat we “klaar” zijn met smart lighting voelt eerlijk gezegd wat voorbarig. Ja, slimme verlichting staat al jaren hoog op de lijstjes en nee, de uitrol gaat bij veel gemeenten nog niet zo snel als bij led. Maar dat betekent niet dat het onderwerp is uitgewerkt – eerder dat we midden in een leerfase zitten. Led was relatief simpel: vervangen en besparen. De voordelen waren direct zichtbaar en makkelijk uit te leggen. Smart lighting is een ander verhaal. Dat gaat niet alleen over techniek, maar ook over beleid, organisatie, data en nieuwe manieren van samenwerken. Dat kost tijd. Het is dan ook niet zo vreemd dat veel gemeenten eerst afwachten of klein beginnen.
Dat een grote groep nog weinig tot niets met telemanagement doet, zegt niet dat de technologie geen waarde heeft. Het laat vooral zien dat de stap groter is. Vragen over standaarden, beheer, eigenaarschap en afhankelijkheid van leveranciers spelen nog steeds. En laten we eerlijk zijn: capaciteit en prioriteit zijn in de praktijk vaak bepalend. Tegelijkertijd neemt het belang alleen maar toe. De openbare ruimte moet slimmer, duurzamer en efficiënter worden ingericht.Slimme verlichting kan daarin juist veel betekenen: beter inzicht in assets, minder storingen, flexibel dimmen en kansen om verlichting te koppelen aan andere opgaven in de stad.
We zijn dus niet aan het einde van smart lighting, maar ergens halverwege. De techniek is er, de mogelijkheden ook. Nu is het zaak om ervaring op te doen, kennis te delen en stap voor stap het vertrouwen te vergroten. Kortom: we zijn er nog lang niet klaar mee. We zijn het pas echt aan het ontdekken.
Robert Tissing, algemeen directeur Luminext en mede initiatiefnemer van het project Kennisdelen Smart Lighting van OVLN dat van 2022 tot 2024 heeft gelopen
‘Zijn we er klaar mee? Zeker niet, maar denk niet dat het alleen over techniek gaat’
Als leverancier van slimme verlichting herkennen wij het beeld dat gemeenten ‘er klaar mee zouden zijn’ zeker niet. Wel vinden we het belangrijk om dit in perspectief te plaatsen. Smart lighting werd lange tijd vooral gezien als een technische ontwikkeling gericht op energiebesparing en dynamisch dimmen - een logische en waardevolle eerste stap. Inmiddels is duidelijk dat het vervolg over meer gaat dan techniek alleen.
De technologie heeft zich intussen sterk verder ontwikkeld. Denk aan tunable white, dynamische verlichting van fietspaden, monitoring van scheefstand en lichtsturing op basis van externe data, zoals verkeersinformatie. Met de verdere ontwikkeling van AI zullen deze mogelijkheden alleen maar toenemen. Verlichting die zich aanpast aan specifieke situaties wordt daarmee steeds relevanter.
De grootste uitdaging ligt tegenwoordig vaak niet meer in de techniek, maar in de organisatie. Dat bleek ook uit het project Kennisdelen Smart Lighting van OVLNL (2022–2024), waarin gemeenten hun ervaringen met het toepassen van slimme verlichting met elkaar deelden. Een van de belangrijkste conclusies van het project was hoe breed en veelzijdig het onderwerp eigenlijk is. Beheerders krijgen te maken met thema’s als cybersecurity, data, connectiviteit en nieuwe technologieën. Dit vraagt om nieuwe kennis en samenwerking met collega’s uit andere domeinen. Ook veranderen afspraken met onderhoudspartijen en wordt de rol van de beheerorganisatie actiever.
We zien in de praktijk dat gemeenten hier stappen in zetten, al kost dit tijd en staan budgetten onder druk. Toch wordt bij vervangingsprojecten steeds vaker voorgesorteerd op toepassing van smart lighting, bijvoorbeeld met Zhaga D4i. Onze conclusie: smart lighting is meer dan techniek alleen— en gemeenten zijn daar duidelijk mee bezig.
Peter Wijnands, assetmanager Openbare verlichting & E-installaties
‘Telemetrie vraagt om andere competenties dan traditioneel beheer, dat kan ook een reden zijn van enige terughoudendheid’
De kernvraag bij deze stelling is hoeveel mensen in 2019 en in 2025 hebben gereageerd en wie deze respondenten precies waren, want uiteindelijk ben ik vooral benieuwd naar het daadwerkelijke percentage slimme verlichting. Het is goed mogelijk dat gemeenten bij de overstap naar LED ervoor kozen om armaturen direct met een Zhaga-connector te bestellen, met de intentie deze later van telemanagement te voorzien. In de praktijk schuiven dit soort voornemens echter vaak naar de achtergrond door de drukte van alledag.
In Rotterdam hebben we gekozen voor volledige telemetrie, iets waar we nog steeds tevreden mee zijn, al wordt soms te rooskleurig voorgesteld hoe eenvoudig dat is. Telemetrie vraagt namelijk om andere competenties dan traditioneel beheer, zowel bij beheerders als bij monteurs. Deze realisatie kan ook een reden zijn van enige terughoudendheid. Een OLC is niet zomaar een stukje hardware dat je zonder nadenken kunt omwisselen; er zit een compleet systeem achter. Het opzetten van een project met telemetrie is op zich niet ingewikkeld en het werkt in eerste instantie probleemloos, maar na verloop van tijd doen zich situaties voor die je niet direct begrijpt of verwacht, wat een andere manier van werken en beheren vereist.
Tegelijkertijd heeft telemanagement Rotterdam veel opgeleverd: door de combinatie van LED verlichting en telemetrie is in vijf jaar tijd 40 procent energiebesparing gerealiseerd, oplopend naar 50 procent in 2030. Bovendien is er veel meer zicht op wat er buiten op straat gebeurt; elke plaatsing, verwijdering of storing binnen de openbare verlichting wordt zichtbaar in het systeem, inclusief kabelstoringen. Daarnaast kunnen we sneller reageren op vragen van burgers bij lichtoverlast.
Edward Neef, FEI Consultancy en expert smart lighting OVLNL
‘In de toekomst zal OVL ook een telecommunicatiefunctie krijgen omdat we via licht gaan communiceren’
De aarzeling die we bij overheden zien om door te pakken op het gebied van smart lighting zien we al jaren. Dit heeft verschillende oorzaken. Allereerst is er de budgettaire kwestie: investeren in een vergaande infrastructuur is meer een nice-to-have dan een must-have. Het is moeilijk een sluitende business case hierop te krijgen. Daarbij spelen ook zorgen rond cybercriminaliteit steeds meer een rol. Wat zijn de risico’s bij een eventuele hack waarbij bijvoorbeeld de hele OVL van een gemeente op afstand wordt uitgeschakeld?
In de tweede plaats is er de vrees voor een ‘locked-in’. Als men kiest voor een bepaald platform dan voelt men zich gebonden aan die leverancier. Dan komen er veel vragen die bijvoorbeeld te maken hebben met toekomstbestendigheid en door-ontwikkeling. “Wanneer stap je in?”, is dan de gehoorde vraag. Eigenlijk is de hele locked-in discussie niet relevant: je kiest ook voor een merk auto die dan door de merkdealer wordt onderhouden. Als je deze systemen ziet als gereedschap waardoor het beheer efficiënter gaat lopen, dan heeft dat een toegevoegde waarde en die heeft een prijs.
Tot slot zien we dat men in een afwachtende houding zit omdat men wacht tot de aanbiedersmarkt volwassen genoeg is. Maar ontwikkelingen blijven komen. Intussen verliest men jaren waarin het beheer beter en efficienter had kunnen zijn. En over tien jaar zal er best een beter systeem zijn, waarmee je dan verder wilt. Nu deskundig inkopen is dus het advies.
Smart Lighting is meer dan alleen telemanagement. In de toekomst zal OVL ook een telecommunicatiefunctie krijgen omdat we via licht gaan communiceren. Dus we zijn echt niet aan het einde van smart lighting.
Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 2/2026. Je leest meer van deze editie in onze digitale bibliotheek.
Meest gelezen
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Lichtmasten voor Kurhaus ademen geschiedenis van Scheveningen
8 jun om 14:10 uurDe acht nieuwe lichtmasten op de Middenboulevard in Scheveningen zijn geen gewone lantaarnpalen. Ontworpen door…
Geen hoogwerker meer nodig dankzij digitaal proefschijnen met photogrammetry
4 jun om 08:25 uurTraditioneel proefschijnen is kostbaar, tijdrovend en logistiek complex. Nico de Kruijter ontwikkelde een…
Young professional in de openbare ruimte: Ferry Overweel
27 mei om 08:09 uurVakbeurs Ruimte, Licht en Techniek: exposanten uitgelicht
26 mei om 13:39 uurOp 4 juni vindt de Vakbeurs Ruimte, Licht en Techniek plaats in Houten: een podium waar ontwerpers,…
Lightronics introduceert PASSAAT: minder beheerlast en lager energieverbruik
26 mei om 13:22 uurOpenbare verlichting moet steeds meer leveren. Gemeenten, infrapartijen en beheerders willen energie besparen,…
Industria: verlichting met maatschappelijke waarde
26 mei om 13:13 uurDe openbare ruimte vraagt om meer dan alleen licht. In een wereld die streeft naar een minimale voetafdruk,…
Licht Management Systeem: dé standaard voor modern beheer van openbare verlichting
19 mei om 10:47 uurHet Licht Management Systeem (LMS) is uitgegroeid tot een veelgebruikte standaard voor het beheer van openbare…
Modernista verlicht Nederland op duurzame wijze
19 mei om 10:36 uurEen buitenruimte komt pas echt tot leven met de juiste verlichting. Modernista levert verlichtingsarmaturen die…
