Amsterdam maakt werk van veiligheid in onderdoorgangen

donderdag 2 juli 2026

Donkere onderdoorgangen, lange zichtlijnen zonder ontsnappingsmogelijkheden en verblindende verlichting: voor veel meiden en vrouwen zijn dit plekken die je liever mijdt. In Amsterdam is die dagelijkse realiteit de afgelopen maanden expliciet onderwerp van beleid geworden. De gemeente heeft een brede aanpak ingezet om de veiligheid in de openbare ruimte te verbeteren, met speciale aandacht voor plekken waar vrouwen zich aantoonbaar onveilig voelen, waaronder onderdoorgangen. "Als gemeente ben je in feite pas tevreden als een plek actief wordt gebruikt, mensen zich aantoonbaar prettiger en veiliger voelen en de plek niet gemeden wordt", aldus Stefan Piek, Technisch Adviseur Openbare Verlichting bij de gemeente Amsterdam.

Je kunt de veiligheid van een plek meten op basis van het aantal gemelde incidenten. Toch zegt dat lang niet alles, weet ook Piek. "De grootste opgave zit wat mij betreft in het gevoel van veiligheid, niet alleen in de gemeten of berekende veiligheid. Onderdoorgangen zijn vaak plekken met beperkte zichtlijnen, weinig sociale controle en een gesloten karakter. Dat kan ertoe leiden dat mensen, en met name vrouwen zich daar onprettig of onveilig voelen.

We zien in de praktijk en uit verschillende onderzoeken dat dit soort plekken inderdaad vaker worden gemeden, zeker in de avonduren en wanneer ook de verlichting niet goed aansluit bij de omgeving. Het gaat dan minder om harde incidentcijfers, maar vanuit participatie zien en horen we een aanpassing in gedrag: omfietsen, wachten op anderen of het vermijden van routes." En dat is natuurlijk niet de bedoeling, stelt Piek.

Pilot in Zuidoost: licht op maat

Reden dus voor de gemeente om aan de slag te gaan. In Zuidoost startte Amsterdam begin 2026 een pilot met nieuwe vormen van (indirecte en dynamische) verlichting in tunnels en onderdoorgangen, onder meer langs het Bullewijkpad.

"Technisch gezien denkt iedereen vaak meteen in termen van 'meer licht' als oplossing, maar het gaat hierbij vooral om de juiste kwaliteit en balans van het licht gedurende 24 uur. Daarbij is het belangrijk dat de verlichting gelijkmatig is, en dat er voldoende verticale verlichtingssterkte aanwezig is op de aanwezige wanden en ook op de gebruikers van de onderdoorgang, zodat gezichten goed herkenbaar zijn en mensen elkaar goed kunnen waarnemen. Dit draagt direct bij aan het gevoel van sociale veiligheid.

Daarnaast is het verschil tussen de dag- en nachtsituatie van belang. Met behulp van dynamische verlichting kan de sterkte worden aangepast aan het moment van de dag, zodat overdag voldoende lichtniveau aanwezig is in verhouding tot het daglicht en ook 's avonds en 's nachts een rustiger en gebalanceerd lichtbeeld ontstaat. Tot slot kijken we ook naar de positie van armaturen, bijvoorbeeld door deze dichter bij de wanden te plaatsen waardoor de ruimte lichter wordt waargenomen."

De verlichting in deze onderdoorgang is maatgevend voor het ontwerp dat Amsterdam gaat uitrollen. De armaturen in het plafond zullen dan worden aangepast naar een andere, verdiepte versie.

Bewoners denken mee

Hoewel openbare verlichting een vrij technische aangelegenheid is, en dus bepaalde kennis vereist om het goed toe te passen, kunnen bewoners prima een bijdrage leveren aan het proces, vindt Piek. Ook hier is een goed participatietraject dus van waarde. "Bewoners kunnen vaak goed aangeven waar en wanneer zij zich onveilig voelen en wat daar de reden voor is. Die input gebruiken we om het ontwerp te toetsen. Door te werken met pilots kunnen we de gekregen input spiegelen naar een technisch ontwerp. Het gaat er dus niet om dat bewoners technische keuzes maken, maar dat hun ervaring en beleving centraal staan in de afwegingen. In die zin vormt participatie een belangrijke aanvulling op de technische benadering."

Verlichting alleen is niet genoeg

Overigens is verlichting niet de enige knop waar je als gemeente aan kunt draaien om de veiligheid te verbeteren. "Verlichting is slechts een onderdeel van de oplossing onderdoorgangen veiliger te maken. Goede verlichting kan zichtlijnen verbeteren, schaduwwerking verminderen, ervoor zorgen dat gezichten beter herkenbaar zijn en er een goede balans en overgang wordt gerealiseerd met de omgeving, waardoor het gevoel van controle toeneemt.

Tegelijkertijd is verlichting op zichzelf niet voldoende. Ook de overzichtelijkheid van de ruimte, de zichtbaarheid van in- en uitgangen, het kiezen van de juiste texturen (wanden en plafonds), het onderhoud en de schoonmaak, en de aanwezigheid van andere mensen zijn minstens zo bepalend voor hoe veilig een plek wordt ervaren. Het gaat dus altijd om een integrale opgave, waarbij verlichting één van de middelen is."

'Het gaat altijd om een integrale opgave, waarbij verlichting één van de middelen is'

Slimmer en duurzamer beheer

Voor de beheerder openbare verlichting verandert er ook iets in Amsterdam. "We gaan steeds meer richting slimmer en dynamisch aansturen van verlichting, bijvoorbeeld door te dimmen en het lichtniveau aan te passen aan het gebruik en het moment van de dag", vertelt Piek.

"Tegelijkertijd krijgen we door intensiever monitoren beter inzicht in prestaties en storingen, en is er meer aandacht voor onderhoud en levensduur. Ook voor het reinigen van armaturen in tunnels zal een specifiek schoonmaak- en onderhoudsprogramma kunnen worden opgezet.

Daarnaast kijken we nadrukkelijk naar hoe we bestaande armaturen kunnen hergebruiken of aanpassen zonder dat dit ten koste gaat van de lichtkwaliteit in plaats van deze direct en volledig te vervangen. Dat sluit dan weer goed aan bij de bredere duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente." De komende tijd zal blijken welke uitwerking de getroffen maatregelen hebben. "Daarbij kijken we niet alleen naar de technische prestaties van de verlichting, maar ook naar het gebruik van de ruimte, de ervaringen van gebruikers en het doorvoeren van eventuele aanpassingen die nodig zijn. Tegelijkertijd blijft het een proces van leren en bijsturen daar waar nodig", besluit Piek.

Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 2/2026. Je leest deze editie gratis in onze digitale bibliotheek

Meer artikelen met dit thema

descriptionArtikel

Wat Nijmegen leert van vier jaar duizend bomen planten

12 mei om 10:41 uur

Duizend extra bomen per jaar planten in een bestaande stad klinkt overzichtelijk, maar blijkt in de praktijk…

Lees verder »
flash_onNieuws

Handboek Omgevingsgericht Lichtontwerp nu ook online beschikbaar

11 mei om 13:42 uur

Het Handboek Omgevingsgericht Lichtontwerp (OGLO) is nu online beschikbaar. De publicatie is een initiatief van…

Lees verder »

145.000 kasseistenen voor functie én uitstraling

8 mei om 14:54 uur

De herwaardering van de buitenruimte vraagt om materialen die méér doen dan alleen functioneel zijn. Met de…

Lees verder »
descriptionArtikel

Publicatie Groen op de Balans pleit voor nieuwe collectiviteit rond stedelijk groen

7 mei om 11:11 uur

Hoewel het belang van groene openbare ruimte wetenschappelijk ruimschoots is aangetoond, blijft groen in de…

Lees verder »
descriptionArtikel

Hoe toegankelijk is het winkelcentrum in uw gemeente?

4 mei om 09:16 uur

In de rubriek Platform Toegankelijkheid belicht Denise Janmaat, directeur van het Nederlands Instituut voor…

Lees verder »
descriptionArtikel

Soms flexibel, soms vast: hoe kiest u de juiste kleurtemperatuur?

1 mei om 10:00 uur

Steeds vaker is de vraag niet óf u goed verlicht, maar hóé u dat doet. Kiest u voor maximale controle en…

Lees verder »
descriptionArtikel

'Water dat je ziet, is water dat je begrijpt'

30 apr om 10:18 uur
Hans Roelofs werkt als adviseur stedelijk water en klimaatadaptatie dagelijks aan toekomstbestendige…
Lees verder »
descriptionArtikel

Zuid-Holland en The Green Village maken biodiversiteit in de stad meetbaar

29 apr om 10:37 uur

Hoe maak je van biodiversiteit in stedelijk gebied iets dat niet alleen wordt nagestreefd, maar ook aantoonbaar…

Lees verder »