Donkere onderdoorgangen, lange zichtlijnen zonder ontsnappingsmogelijkheden en verblindende verlichting: voor veel meiden en vrouwen zijn dit plekken die je liever mijdt. In Amsterdam is die dagelijkse realiteit de afgelopen maanden expliciet onderwerp van beleid geworden. De gemeente heeft een brede aanpak ingezet om de veiligheid in de openbare ruimte te verbeteren, met speciale aandacht voor plekken waar vrouwen zich aantoonbaar onveilig voelen, waaronder onderdoorgangen. "Als gemeente ben je in feite pas tevreden als een plek actief wordt gebruikt, mensen zich aantoonbaar prettiger en veiliger voelen en de plek niet gemeden wordt", aldus Stefan Piek, Technisch Adviseur Openbare Verlichting bij de gemeente Amsterdam.
Amsterdam maakt werk van veiligheid in onderdoorgangen
Je kunt de veiligheid van een plek meten op basis van het aantal gemelde incidenten. Toch zegt dat lang niet alles, weet ook Piek. "De grootste opgave zit wat mij betreft in het gevoel van veiligheid, niet alleen in de gemeten of berekende veiligheid. Onderdoorgangen zijn vaak plekken met beperkte zichtlijnen, weinig sociale controle en een gesloten karakter. Dat kan ertoe leiden dat mensen, en met name vrouwen zich daar onprettig of onveilig voelen.
We zien in de praktijk en uit verschillende onderzoeken dat dit soort plekken inderdaad vaker worden gemeden, zeker in de avonduren en wanneer ook de verlichting niet goed aansluit bij de omgeving. Het gaat dan minder om harde incidentcijfers, maar vanuit participatie zien en horen we een aanpassing in gedrag: omfietsen, wachten op anderen of het vermijden van routes." En dat is natuurlijk niet de bedoeling, stelt Piek.
Pilot in Zuidoost: licht op maat
Reden dus voor de gemeente om aan de slag te gaan. In Zuidoost startte Amsterdam begin 2026 een pilot met nieuwe vormen van (indirecte en dynamische) verlichting in tunnels en onderdoorgangen, onder meer langs het Bullewijkpad.
"Technisch gezien denkt iedereen vaak meteen in termen van 'meer licht' als oplossing, maar het gaat hierbij vooral om de juiste kwaliteit en balans van het licht gedurende 24 uur. Daarbij is het belangrijk dat de verlichting gelijkmatig is, en dat er voldoende verticale verlichtingssterkte aanwezig is op de aanwezige wanden en ook op de gebruikers van de onderdoorgang, zodat gezichten goed herkenbaar zijn en mensen elkaar goed kunnen waarnemen. Dit draagt direct bij aan het gevoel van sociale veiligheid.
Daarnaast is het verschil tussen de dag- en nachtsituatie van belang. Met behulp van dynamische verlichting kan de sterkte worden aangepast aan het moment van de dag, zodat overdag voldoende lichtniveau aanwezig is in verhouding tot het daglicht en ook 's avonds en 's nachts een rustiger en gebalanceerd lichtbeeld ontstaat. Tot slot kijken we ook naar de positie van armaturen, bijvoorbeeld door deze dichter bij de wanden te plaatsen waardoor de ruimte lichter wordt waargenomen."

Bewoners denken mee
Hoewel openbare verlichting een vrij technische aangelegenheid is, en dus bepaalde kennis vereist om het goed toe te passen, kunnen bewoners prima een bijdrage leveren aan het proces, vindt Piek. Ook hier is een goed participatietraject dus van waarde. "Bewoners kunnen vaak goed aangeven waar en wanneer zij zich onveilig voelen en wat daar de reden voor is. Die input gebruiken we om het ontwerp te toetsen. Door te werken met pilots kunnen we de gekregen input spiegelen naar een technisch ontwerp. Het gaat er dus niet om dat bewoners technische keuzes maken, maar dat hun ervaring en beleving centraal staan in de afwegingen. In die zin vormt participatie een belangrijke aanvulling op de technische benadering."
Verlichting alleen is niet genoeg
Overigens is verlichting niet de enige knop waar je als gemeente aan kunt draaien om de veiligheid te verbeteren. "Verlichting is slechts een onderdeel van de oplossing onderdoorgangen veiliger te maken. Goede verlichting kan zichtlijnen verbeteren, schaduwwerking verminderen, ervoor zorgen dat gezichten beter herkenbaar zijn en er een goede balans en overgang wordt gerealiseerd met de omgeving, waardoor het gevoel van controle toeneemt.
Tegelijkertijd is verlichting op zichzelf niet voldoende. Ook de overzichtelijkheid van de ruimte, de zichtbaarheid van in- en uitgangen, het kiezen van de juiste texturen (wanden en plafonds), het onderhoud en de schoonmaak, en de aanwezigheid van andere mensen zijn minstens zo bepalend voor hoe veilig een plek wordt ervaren. Het gaat dus altijd om een integrale opgave, waarbij verlichting één van de middelen is."
'Het gaat altijd om een integrale opgave, waarbij verlichting één van de middelen is'
Slimmer en duurzamer beheer
Voor de beheerder openbare verlichting verandert er ook iets in Amsterdam. "We gaan steeds meer richting slimmer en dynamisch aansturen van verlichting, bijvoorbeeld door te dimmen en het lichtniveau aan te passen aan het gebruik en het moment van de dag", vertelt Piek.
"Tegelijkertijd krijgen we door intensiever monitoren beter inzicht in prestaties en storingen, en is er meer aandacht voor onderhoud en levensduur. Ook voor het reinigen van armaturen in tunnels zal een specifiek schoonmaak- en onderhoudsprogramma kunnen worden opgezet.
Daarnaast kijken we nadrukkelijk naar hoe we bestaande armaturen kunnen hergebruiken of aanpassen zonder dat dit ten koste gaat van de lichtkwaliteit in plaats van deze direct en volledig te vervangen. Dat sluit dan weer goed aan bij de bredere duurzaamheidsdoelstellingen van de gemeente." De komende tijd zal blijken welke uitwerking de getroffen maatregelen hebben. "Daarbij kijken we niet alleen naar de technische prestaties van de verlichting, maar ook naar het gebruik van de ruimte, de ervaringen van gebruikers en het doorvoeren van eventuele aanpassingen die nodig zijn. Tegelijkertijd blijft het een proces van leren en bijsturen daar waar nodig", besluit Piek.
Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 2/2026. Je leest deze editie gratis in onze digitale bibliotheek.
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
Gemeenten versnellen samen naar een circulaire openbare ruimte
21 mei om 13:47 uurWat betekent het om als gemeente echt samen te leren en versnellen in de transitie naar een circulaire openbare…
Nederlanders bereid te betalen voor een beweegvriendelijke openbare ruimte
19 mei om 16:01 uurNederlanders vinden het acceptabel om meer belasting te betalen voor effecten van ingrepen die de openbare…
Nieuwe speeltuin in Roosendaal richt zich op toegankelijk spelen
19 mei om 13:16 uurSpelen zou voor ieder kind vanzelfsprekend moeten zijn, met of zonder beperking, maar dat kan nog lang niet in…
Licht Management Systeem: dé standaard voor modern beheer van openbare verlichting
19 mei om 10:47 uurHet Licht Management Systeem (LMS) is uitgegroeid tot een veelgebruikte standaard voor het beheer van openbare…
Modernista verlicht Nederland op duurzame wijze
19 mei om 10:36 uurEen buitenruimte komt pas echt tot leven met de juiste verlichting. Modernista levert verlichtingsarmaturen die…
Niet meer licht, maar beter licht: Maastricht omarmt Dark Sky
19 mei om 09:13 uurSteeds meer gemeenten vervangen verouderde openbare verlichting. Maastricht gebruikte dat moment niet alleen om…
Panel: water en bodem moeten te allen tijde sturend zijn bij de inrichting van de stedelijke openbare ruimte
13 mei om 13:17 uurSinds 2022 is het principe ‘water en bodem sturend’ richtinggevend voor de inrichting van Nederland. Het…
Wat Nijmegen leert van vier jaar duizend bomen planten
12 mei om 10:41 uurDuizend extra bomen per jaar planten in een bestaande stad klinkt overzichtelijk, maar blijkt in de praktijk…
