Den Haag krijgt een herkenbare eigen armaturenfamilie en koos daarvoor niet de gebaande aanbestedingsroute. De gemeente ontwikkelde samen met marktpartijen nieuwe armaturen, waarbij leveranciers al vóór publicatie meedachten over eisen, ontwerp en kwaliteit. Met een vervangingsopgave van 25.000 armaturen ontstond zo niet alleen een nieuwe standaard voor de openbare verlichting, maar ook een andere manier van samenwerken tussen overheid en markt. Hoe pak je zo’n proces aan en wat levert het op?
Zo ontwikkelde Den Haag samen met de markt een armaturenfamilie
Frank Gorter is coördinator openbare verlichting en laadinfra bij de gemeente Den Haag. “Dit project ‘Levering residentiearmaturen 2023-2027’ is ontstaan omdat de gemeente geen eigen armaturenfamilie had, maar die wel graag wilde hebben. Bovendien was Den Haag nog niet ver met het verledden – rond de 30 procent – en hadden we een grootschalige vervangingsopgave. Omdat daar gelden voor beschikbaar kwamen, kon dat meteen worden meegenomen.”
De gemeente vroeg Ruben van Bochove van Adviesbureau Van Bochove Openbare Verlichting om het hele proces naar de markt te brengen. “Voordat ik dat deed, had de gemeente intern al een heel proces doorlopen, gericht op de esthetische kant. Samen met lichtarchitecte Ellen de Vries van Lux Lab, Studio DL en de gemeentelijke Adviescommissie Openbare Ruimte (ACOR) ontwikkelden ze een vormgeving van een armaturenfamilie. Die familie moest aan de ene kant een eigen beeld voor Den Haag creëren, maar mocht anderzijds ook elders worden toegepast.”
Strakke marges, ruimte voor innovatie
Om de aanbesteding van 25.000 armaturen naar de markt te kunnen brengen, keek Van Bochove eerst naar de praktische toepasbaarheid van de vormgeving. Vervolgens stelde hij samen met de ACOR een range vast, waarbinnen de oplossingen van de markt moesten zitten om nog aan de vormgeving te voldoen. “Het vormconcept gaf de markt duidelijke marges: armaturen voor vier, zes, acht meter en hoger.”
Vervolgens stelden Van Bochove, de gemeente Den Haag en technisch expert Toine Adams gezamenlijk een Programma van Eisen (PvE) op, om ervoor te zorgen dat ook lichttechnisch, technisch en mechanisch de juiste kwaliteit werd uitgevraagd. In dat PvE werd ook een methode geïmplementeerd om het visuele comfort van een armatuur te bepalen, de UGR buitenmethode. Deze is ontwikkeld door Nico de Kruijter en stelt de mate van verblinding van een led-armatuur vast.
Van Bochove: “Samen met De Kruijter omschreven we de UGR buitenmethode nauwkeurig in het PvE en bepaalden we hoe die in de ontwerpfase berekend kon worden. Dat leidde tot twee documenten over de ‘UGR buiten’ die nu in de markt richtinggevend zijn.” Het heeft daarnaast de betrokken partijen een belangrijk inzicht opgeleverd, aldus Van Bochove: “We zochten balans tussen comfort en lichtverdeling en lichtkwaliteit. Het traject hielp ons om die balans te vinden.”
‘In plaats van alles voor te schrijven, hebben we aan vijftien armaturenproducenten feedback op het document gevraagd’
Cocreatie vóór publicatie
Daarna volgde een unieke stap, zegt Van Bochove: “Het laat zien welke samenwerking er in en met de markt mogelijk is. In plaats van alles voor te schrijven, hebben we aan vijftien armaturenproducenten feedback op het document gevraagd. Vervolgens hebben we in cocreatie met de marktpartijen de eisen verder uitgewerkt. Voor de markt betekende dit zekerheid: ze wisten dat er later geen nieuwe eisen bij zouden komen.”
In de uitvraag nam Den Haag ook op dat wat ze wilden, niet per se al op de plank bij de producent hoefde te liggen. Van Bochove: “Binnen de kaders van het vormconcept en het PvE maakten we ruimte voor een echt ontwikkeltraject. Bedrijven kregen daarvoor anderhalf jaar. Dat leverde opnieuw een unieke ervaring op. We mochten in de keuken meekijken bij het ontwikkeltraject van de twee armaturenleveranciers die waren uitgekozen, Lightwell en Maas & Hagoort in samenwerking met LUG. Aan het eind konden we het eindresultaat, getest en ontwikkeld conform contract, live aanschouwen.”
De armaturenleveranciers hadden er eveneens baat bij, zegt Van Bochove. “Ze hadden niet alleen allebei een gegarandeerde afzet van 12.500 armaturen, maar mochten het ontwerp bovendien elders ook gebruiken. De vormgevingseisen waren daarvoor ook generiek genoeg. Dat de aanpak voor de armaturenleveranciers interessant was, blijkt ook wel uit dat er maar liefst tien bedrijven hebben gereageerd op de uitvraag.”
‘Dankzij de cocreatie tijdens de aanbesteding en het meekijken in het ontwikkelproces konden we alle eisen uit het PvE overeind houden’
Transparantie als kwaliteitsborging
De gemeente plaatst momenteel de armaturen. Gorter kijkt vanuit de gemeente tevreden en trots op het proces terug: “Allereerst omdat we in onze opzet zijn geslaagd en nu een eigen armaturenfamilie hebben.” Vervolgens deelt hij complimenten uit aan de twee armaturenleveranciers. “Ze waren allebei heel transparant. Daardoor konden wij onder meer zien welke stappen ze namen in het productieproces om de vereiste kwaliteit op het gebied van vormgeving en technische eisen te halen.”
Het brengt Gorter op nog een voordeel van het proces: “Dankzij de cocreatie tijdens de aanbesteding en het meekijken in het ontwikkelproces konden we alle eisen uit het PvE overeind houden. Met deze aanpak is alles tot in detail getest.”
Interessant voor andere gemeenten?
De aanpak vraagt tijd, energie en een duidelijke ambitie, erkent Gorter. Maar wie een eigen armaturenfamilie wil en kwaliteit écht wil borgen, ontkomt daar niet aan. “Als die behoefte er niet is, kun je prima uit de voeten met wat de markt biedt,” zegt hij. “Maar als je het goed wilt doen, moet je durven investeren in het proces.” Daarmee is het Haagse project niet alleen een leveringsopdracht, maar ook een blauwdruk voor hoe overheid en markt elkaar kunnen versterken.
Dit artikel is verschenen in Straatbeeld 1/2026. Je leest deze editie gratis in onze digitale bibliotheek.
Blijf op de hoogte van al ons nieuws en abonneer je ook op de wekelijkse nieuwsbrief van Straatbeeld
Bij het thema van dit artikel betrokken organisaties
Meer artikelen met dit thema
De wildeplannenfase, het ideale startpunt voor integraal lichtadvies
25 jun om 08:10 uurRuben Fernandes, ontwerper en adviseur stedelijke en architecturale verlichting bij CLAFIS Team Verlichting,…
Zo helpt handreiking gemeenten bij transformatie naar beweegvriendelijke naoorlogse wijken
24 jun om 11:42 uurIntegreren van beweegvriendelijkheid in de herontwikkeling van naoorlogse wijken, dat is niet eenvoudig en…
Brede coalitie vraagt om landelijke groennormen voor hittebestendige steden
17 jun om 10:01 uurEen groeiende coalitie van maatschappelijke organisaties roept de minister van VRO op tot wettelijk verankerde…
Capelle aan den IJssel maakt van Stadsplein de huiskamer van de stad
16 jun om 08:39 uurTien jaar voorbereiding, één duidelijke ambitie: van het Stadsplein in Capelle aan den IJssel een plek maken…
Rioolprobleem aan basis van leefbare Heinsbergerweg Roermond
15 jun om 09:08 uurWat begon als een noodzakelijke vervanging van het riool groeide uiteindelijk uit tot een complete…
Niet meer licht, maar beter licht: Maastricht omarmt Dark Sky
11 jun om 08:20 uurMaastricht vervangt haar volledige openbare verlichting, maar niet met meer van hetzelfde. De stad koos voor…
Zwolle licht drie historische iconen opnieuw aan
10 jun om 12:02 uurStudio DL gaat de Peperbus, de Sassenpoort en het stadhuis van Zwolle voorzien van een nieuw lichtontwerp.…
Lichtmasten voor Kurhaus ademen geschiedenis van Scheveningen
8 jun om 14:10 uurDe acht nieuwe lichtmasten op de Middenboulevard in Scheveningen zijn geen gewone lantaarnpalen. Ontworpen door…
